Rutte-bepalen-mond-stopt

De samenleving is wat-ie eet

Je bent wat je eet – bal gehakt! Suikerspin! En hoewel dit lollig klinkt, eten we ons het ongeluk. Diabetes en obesitas zijn epidemieën die de samenleving een lieve duit kosten. Het vlees is zwak en snackhongerig, dus mag er alsjeblieft wat sturing zijn?

Tekst: Janno Lanjouw

Er zijn ruim een miljoen Nederlanders met diabetes type-2 en er komen er per jaar zo’n 70.000 bij. Dat kun je met een gerust hart een epidemie noemen. Een van de belangrijkste oorzaken daarvan is het moderne voedingspatroon. We eten te vet, te zoet en vooral gewoon te veel.

Nog afgezien van het persoonlijk leed dat zo’n ziekte veroorzaakt, kost het de samenleving bakken met geld. Mensen met diabetes kunnen dankzij de moderne medische wetenschap hartstikke lang leven – maar dat kost medicijnen en die kosten geld. En dat terwijl de zorgkosten nu al de pan uit rijzen.

Daarom is het raar dat we nauwelijks iets aan die epidemie doen. De overheid informeert haar burgers over de gevaren van te veel ongezond voedsel consumeren, maar daar houdt het op. En datzelfde geldt eigenlijk voor alle grote problemen die we veroorzaken door ons huidige voedselsysteem. Waarom toch? Problemen waar we allemaal last van hebben bestrijden, daarvoor hebben we toch beleidsmakers uitgevonden?

Politici mijden het onderwerp ‘voedsel’ als de pest en dat wordt alleen maar erger. Dat is ook niet zo gek, want in deze tijd pikken mensen het niet als iemand zegt wat ze wel en niet moeten eten. Als je bent wat je eet, en ik zeg dat wat jij eet niet goed is, dan zeg ik dat JIJ niet goed bent. En dan wordt het allemaal heel snel persoonlijk en kost het de politicus in kwestie aanzien en stemmen – en weg is zijn carrière.

Dat is precies de reden dat het in de politiek niet bon ton is om met woorden als ‘suikertaks’ of ‘vleestaks’ te schermen. Met name de VVD staat direct op zijn achterste benen als het over ons eetgedrag gaat en spreekt van ‘eigen verantwoordelijkheid’ en ‘betutteling’. Maar als het op eten aankomt, heeft iedereen last van een beetje struisvogelpolitiek: iedereen weet dat de vleesconsumptie slecht is voor het milieu, maar zelfs de Partij voor de Dieren zegt niet ronduit dat iedereen veganist moet worden. Want er zijn ook vleeseters die op de PvdD stemmen.
Eten raakt teveel aan ons innerlijk, zo lijkt het.

Eetbemoeienis
Toch zijn er de afgelopen jaren steeds meer stemmen opgegaan om eens werk te maken van een ‘integraal voedselbeleid’. In dat gedroomde beleid moet de hele weg die voedsel aflegt in ogenschouw worden genomen. Van productie tot consumptie, en zelfs tot excretie (poep bevat uiteindelijk dezelfde waardevolle chemische stoffen die met veel gedoe uit een Noord-Afrikaanse mijn zijn gehaald om kunstmest te maken. En dat spoel je gewoon door de plee! Wasteful!). Alle stromen kunnen veel beter op elkaar afgestemd worden.

In voedselbeleid zouden ook de ‘externalities’, de maatschappelijke kostenposten die op dit moment niet verdisconteerd zijn in de prijs van ons voedsel, belast moeten worden. Denk maar eens aan de euroknallerhamburger van de Mac. De Belgische Olivier De Schutter, voormalig speciaal rapporteur van de Verenigde Naties over het recht op voedsel en huidig voorzitter van de IPES-voedseldenktank, becijferde dat zo’n ding eigenlijk TWEEHONDERD euro moet kosten, als je alle schade (oerwoudkap, uitstoot van broeikasgassen, vervuiling, dierenleed, sociale kosten, et cetera) van de intensieve veeteelt zou meerekenen. Nou is dat cijfer natuurlijk omstreden, maar het staat buiten kijf dat er nogal wat nadelen zitten aan het feit dat mensen koeien zo lekker vinden.

Het huidige beleid dat zich bezighoudt met voedsel bestaat dan ook vooral uit: INFORMEREN. De overheid informeert ons consuburgers tot ze zelf een ons weegt. Het Voedingscentrum, het speciaal hiervoor in het leven geroepen instituut, balt zo veel mogelijk metastudies over de (on)gezondheid van bepaalde ingrediënten en voedingspatronen samen en herschrijft het in simpele beeldtaal (de Schijf van Vijf) die een stuk beter te begrijpen is dan de ingrediëntenlijst op de achterkant van een pak frikandellen voor in de thuisfrituur.

Maar weten is nog geen doen. Dat is onlangs ook wetenschappelijk aangetoond in een publicatie van de Wetenschappelijke Raad voor Regeringsbeleid (WRR). Je kunt mensen nog zo goed voorlichten, maar uiteindelijk zijn zaken als ‘in actie komen’ (besluiten dat je geen snacks meer gaat kopen), ‘met tegenslag omgaan’ (je hebt ontzettende honger en geen karakter) en ‘volhouden’ (je hebt dus geen karakter) doorslaggevend voor je succes. Weinig mensen zijn daar goed in.

Daarom luiden steeds meer wetenschappers en activisten de noodklok: het is tijd dat de overheid paal en perk stelt aan schadelijke eetpraktijken, door actief in te grijpen. Obesitas en diabetes kosten bakken met geld en emmers met leed, dus we gaan suiker en vet duurder maken met een belasting. Vleesproductie leidt tot enorme milieukosten, dus ook dat wordt belast.

Maar de VVD wil er niks van weten en de andere partijen volgen als makke lammetjes. Wat vind jij eigenlijk: mag de overheid zich bemoeien met wat wij eten?