De antisemitische actualiteit

Ronny Naftaniel was drieëndertig jaar lang directeur van het Centrum informatie en Documentatie Israël, een organisatie die zich inzet voor vrede en veiligheid van het joodse volk en Israël. Hij maakt zich zorgen over het niet expliciet benoemen en veroordelen van antisemitisme in de Nederlandse politiek.

Door: Kitty Herweijer | Fotografie: Marius Hille Ris Lambers

“Antisemitisme is niet iets van rechts of links, zoals sommige mensen denken. Je hebt aan beide zijden de mensen die in oude complottheorieën denken, mensen die geloven in een christelijke antisemitische vervangingsleer en er is ook een tweede en derde generatie van immigranten die deels joden als de vijand en zondebok zien.” Die houding van de laatste groep heeft veel te maken met hoe Israël en Joden in de Arabische media worden neergezet. “Tegen deze negatieve beeldvorming  zou de Nederlandse overheid meer moeten doen in het onderwijs.”

In Frankrijk zijn, mede door de aanslagen gericht tegen de joodse gemeenschap van de afgelopen jaren, de joodse emigratiecijfers gestegen. Ook in Nederland is het antisemitisme meer en meer onderwerp van gesprek geworden. Maar Naftaniel spreekt liever niet over ‘toenemend antisemitisme’: “Natuurlijk zijn er incidenten en die moeten ook bestreden worden, maar er wordt al twintig jaar gepraat over’ toenemend antisemitisme’. We moeten het ook niet overdrijven, de feitelijke situatie is dat joden hier nog steeds rustig kunnen leven.” Maar ondanks deze relativering zijn er wel ontwikkelingen waar hij zich zorgen over maakt. Bijvoorbeeld de aanval van december vorig jaar op HaCarmel, een joods restaurant in Amsterdam, die niet als antisemitisch werd veroordeeld. “Dat was natuurlijk wel een antisemitische aanslag. De Syriër die de aanval pleegde maakte dat onderscheid tussen Joden en Israël niet.”

Ook breder in de politiek wordt antisemitisme niet altijd streng veroordeeld: “DENK-vertegenwoordigers die het in de Tweede Kamer hebben over ‘de lange arm van Israël en de Joden’ vallen zo in het complotdenken dat eeuwenlang in Europa heeft gespeeld en waarvan ik dacht dat we er na de Tweede Wereldoorlog van verlost waren. Maar ook Arnoud van Doorn – van de islamitische Partij van de Eenheid in de Haagse gemeenteraad – die op Twitter ‘Moge Allah de zionisten vernietigen’ schrijft, en de minieme veroordeling van andere raadsleden van zo een uitspraak, dat vind ik echt griezelig. Dan laat de politiek het afweten. De lange joodse geschiedenis heeft ons meermalen geleerd dat de garantie van veiligheid voor joden niet te maken heeft met of er veel of weinig antisemitisme is, maar wat de houding van de overheid daartegen is.”

Maar ook joden zelf kunnen een grotere rol spelen in de bestrijding: “Er wordt veel geklaagd over antisemitisme, maar er is te weinig nadruk op de positieve bijdrage aan de Nederlandse samenleving van de joodse gemeenschap. Joden worden altijd gekoppeld aan de Sjoa, aan Israël, het Midden-Oosten maar dat is niet waar het jodendom voor staat. Voor mij staat het jodendom voor onafhankelijk denken, je eigen waarden, zorgen voor je medemens en jezelf verrijken met kennis. En juist ook het diverse karakter van het joods zijn in Nederland heeft een voorbeeldfunctie. Dat positieve geluid wordt veel te weinig uitgedragen.”

Ronny Naftaniel
Leeftijd:
69 jaar
Is: Voorzitter van het Joods Humanitair fonds
Werkte: Als directeur van het CIDI
Vindt: Dat antisemitisme explicieter benoemd en veroordeeld moet worden

 

 

Laatste van Lobby

0 0,00
Naar boven