Category archive

Media

Luister niet kritiekloos naar het CPB

in Actueel/Media by

Het oordeel van het Centraal Planbureau (CPB) over de begroting lijkt bijna heilig in Den Haag. Maar er zijn ook klachten, zowel van economen als van politieke partijen, van SP tot Forum voor Democratie. Ze vinden dat het Centraal Planbureau te veel macht heeft en dat de CPB-cijfers te veel invloed hebben op de begroting.
Lees meer

Onze man in Afrika

in Actueel/Media by

Vanuit Kampala bestrijkt Mark Schenkel (41) het Afrikaanse continent voor de Volkskrant. ‘Hip Afrika is maar een heel klein deel van de werkelijkheid.’

Door Addie Schulte

Zo’n zes jaar geleden zegde Mark Schenkel zijn vaste baan bij NRC Handelsblad op en vertrok naar Kampala, de hoofdstad van Oeganda. Hij werkte onder andere voor het Financieele Dagblad en sinds vorig jaar is hij Afrika-correspondent voor de Volkskrant.

Een onderzoeksbureau riep Kampala onlangs uit tot de beste stad van Oost-Afrika om te wonen. Schenkel kan zich er iets bij voorstellen. ‘De stad is minder gereguleerd dan andere steden. Er is ruimte voor expressie en ondernemen, een gezellige levendigheid. Het is een groot dorp, waar je veilig over straat kan. Maar soms lijkt Kampala absoluut onleefbaar door de verkeersdrukte en geluidsoverlast.’

Er is ruimte voor expressie en ondernemen, een gezellige levendigheid’

Geen verbetering voor de massa

De laatste tijd hoor je veel over hippe steden in Afrika: van swingend Addis Abeba tot stijlvol Kinshasa. ‘Het is leuk om als journalist aandacht te geven aan zaken als mode of literatuur, maar die zijn wel voorbehouden aan een kleine, stedelijke elite. Je moet oppassen dat mensen gaan denken dat zulke zaken het gemiddelde zijn.’

Te positief berichten heeft nadelen, vindt Schenkel. ‘Tien jaar lang werd er veel over de economische groei in Afrika gepubliceerd. Daar heeft men nu een beetje een katerig gevoel aan overgehouden, want die groei heeft niet echt geleid tot verbetering voor grote groepen. Ik kwam met een zeker optimisme hier, misschien ook wel door die verhalen. Maar sinds ik hier zit, ben ik niet optimistischer geworden.’

Lang niet alleen ellende

Toch hoeft het nieuws uit Afrika niet alleen over ellende te gaan. ‘Ik was blij met een verhaal over de introductie van lowbudgetvluchten in Kenia. Dat is weer eens iets anders dan het nieuws over verkiezingen, etnische spanningen en corruptie. Maar ik ben niet op een missie om het beeld van Afrika bij te stellen.’

De idealist als straatvechter

in Actueel/Media by

Journalistiek is voor hoofdredacteur Eric Smit (1967) van Follow the Money een middel om de wereld te verbeteren. Dat gaat regelmatig met confrontaties gepaard.

Door Addie Schulte, fotografie Marius Hille Ris Lambers

Met onthullingen over de zelfverrijking van toenmalig VVD-voorzitter Henry Keizer zetten hoofdredacteur Eric Smit en journalist Kim van Keken onderzoekssite Follow the Money vorig jaar definitief op de journalistieke kaart voor een breder publiek. Ze volgden het geldspoor van Keizer, die ‘voor een schijntje’ een miljoenenbedrijf overnam. Even later was hij VVD-voorzitter af.

‘Dat verhaal is voor ons van levensbelang geweest,’ zegt Smit in het nieuwe redactiekantoor van FtM in Amsterdam-Noord. Het aantal betalende leden verdrievoudigde, tot 7.500. Dat is genoeg om ‘niet meer met de pet te hoeven rondgaan’ voor subsidie. Maar ook nog wel even verwijderd van het streefgetal van 20.000 leden eind dit jaar.

Controleren van de macht

Maar Smit is nog volop bezig. Met de overname van de kleinere site 925.nl hoopt FtM meer bezoekers te trekken. De site gaat boeken uitgeven en blijft werken aan ‘betere storytelling’. ‘Ik zie vooruitgang. Maar we hebben nog een hoop te doen.’ En er komen nieuwe onthullingen. Smit werkt in internationaal verband aan een verhaal over ‘hardcore financiële fraude’, waarover verder nog geen mededelingen.

Ik beoefen confronterende journalistiek. Die gaat op de man. Noemt rugnummers. Ik ben een straatvechter’

Dat alles met het doel ‘te helpen de wereld in positieve zin te veranderen’. Dat kan hoogdravend klinken, maar een journalist zonder idealen is niet geschikt voor het vak, zegt Smit. ‘Het controleren van de macht hoort bij dit vak. Als dat niet je taakopvatting is, heb je hier niets te zoeken. Als je een misstand in beeld brengt, wil je die ongedaan maken. Als zo’n misstand structureel is, zou zelfs het wetboek moeten worden aangepast.’

Confronterende journalistiek

Alleen maar de werkelijkheid beschrijven is hem te bescheiden. ‘We beschrijven ook dingen die wel goed gaan, dat is constructieve journalistiek. Maar het komt op hetzelfde neer. In essentie is iedere onderzoeksjournalistiek constructief, omdat je beoogt dat misstanden worden rechtgezet.  

En dan fel: ‘Ik beoefen confronterende journalistiek. Die gaat op de man. Noemt rugnummers. Ik ben een straatvechter. Ik ben altijd op zoek naar confrontaties. Is dat idealisme? Je schrijft of je hebt vrienden, wordt gezegd. In mijn geval ligt dat nog wat scherper.’

Het controleren van de macht hoort bij dit vak’

Voorbeeldje: tijdens het radioprogramma Kelder & Co. vroeg Smit aan Europarlementariër Judith Sargentini of ze namens hem de Hongaarse premier Viktor Orbán in het gezicht wilde spugen, vanwege Orbáns aanvallen op de vrije pers. De Hongaarse ambassadeur kwam verhaal halen bij de omroep. ‘Die uitspraak floepte eruit en was een beetje gekscherend. Dat heeft niets met journalistiek of idealisme te maken, maar is een karakterologische eigenschap. Wel een aangename eigenschap in dit vak.’

Ook een andere kant

Een andere kant van Smit was te zien in het Kasboekje van Nederland, een beetje een schools tv-programma over hoe Nederland met geld omgaat. ‘Ik hoef niet alleen het opvliegende, gedreven en assertieve deel van mijn persoon te laten zien. Maar ik heb geen ambities om dat presenteren veel vaker te doen. Het liefst zou ik weer verhalen schrijven. Het idee is dat op de langere termijn iemand anders mijn plek inneemt. Want het nadeel als je ergens cheffie wordt, is dat je zelf geen verhalen kan maken.’

Een blik in de media

in Actueel/Media by

Westminster bouwval
Westminster, het statige onderkomen van het Britse parlement, is een icoon van Londen. Het is ook een lekkende, tochtige, rottende en uitgewoonde bouwval. De negentiende-eeuwse airco heeft het nooit echt gedaan, parlementariërs klagen over urine die hun werkkamer in sijpelt. De verbouwing gaat vijf miljard dollar kosten en zes jaar duren, hoorde The Washington Post tijdens een rondleiding in de catacomben.  

Kakkerlakken paradijs
Er zijn vele kakkerlakboerderijen in China, maar de grootste staat in Xichan, in het zuidwesten. Zes miljard insecten groeien hier ieder jaar op, om verwerkt te worden in een geneeskrachtig drankje. Kunstmatige intelligentie houdt de omstandigheden voor de kakkerlakken ideaal. Maar mochten ze een keer uitbreken, dan wordt dat een ramp voor de omgeving, noteert de South China Morning Post.

Rijk versus arm
Vier jongeren uit Hamburg, die elkaar in het dagelijks leven nooit zouden ontmoeten, praten in Zeit Magazin met elkaar over school, ouders, opvoeding en drinken. Twee komen uit een zeer welvarend deel van de stad, twee uit een achterstandswijk. Hoe populair zijn de Canada Goose-jassen en hoe lastig het is om een stage te vinden als je een hoofddoek draagt?

Exotische huisdieren
In de Verenigde Arabische Emiraten was het tot voor kort legaal een cheeta als huisdier te houden, of een jaguar voor bij de Jaguar. Ook struisvogels, gazelles en koala’s waren toegestaan. Werk genoeg dus voor dierenarts Hollis Stewart, die gespecialiseerd is in de zorg voor wilde dieren. Dit verhaal is onderdeel van een fascinerende special van de site Topic.com over mensen en dieren.

Wat hebben islamcriticus Ayaan Hirsi Ali, mannenpsycholoog Jordan Peterson en beroepsatheïst Sam Harris gemeen? Ze maken deel uit van het Intellectual Dark Web; een losse verzameling dissidenten, denkers en opiniemakers die tegen heilige huisjes schoppen. Ze gaan, volgens een bewonderende en soms kritische beschouwing in de New York Times in tegen de stroom, maar lopen wel het risico de grens van wat ‘giftig’ is, over te gaan.

Nepnieuws gaat iedereen aan

in Actueel/Media by

We horen steeds meer over nepnieuws. Er is niet een specifieke instantie die daar wat tegen moet doen, dat is een taak van iedereen, zegt Judith Möller, postdoctoraal onderzoeker aan de Universiteit van Amsterdam.  

Door Addie Schulte

Nepnieuws is eigenlijk niet nieuw, zegt onderzoeker Judith Möller. ‘Het verspreiden van onware feiten is van alle tijden, maar er zijn nieuwe manieren om een publiek te bereiken. En er zijn mensen die het professioneel aanpakken. Daarom speelt het meer op. In Nederland komt het nu bijna niet voor. In landen als de VS en in Oost-Europa meer.’

Niet achteroverleunen
Nepnieuws krijgt hier weinig kans omdat het mediasysteem nog goed werkt, stelt Möller. Dat systeem omvat onder andere de publieke omroep en goed opgeleide journalisten, maar ook lezers die bereid zijn voor goede journalistiek te betalen. En omdat het Nederlands een klein taalgebied is, is het niet zo interessant voor mensen die met nepnieuws geld willen verdienen.

‘Het is niet zo dat jongeren automatisch doorhebben wat nepnieuws is’

Dat betekent niet dat we gerust achterover kunnen leunen. ‘Er is een quote van Bill Gates: “We overschatten altijd de veranderingen in de komende twee jaar, en onderschatten de veranderingen in de komende tien jaar. Dus we moeten niet passief blijven.” De verspreiding van nieuws verandert, we zien dat kranten minder lezers hebben. De zaken die goed gaan, kunnen slechter gaan.’

Investeren in goede media
Daarom is het volgens haar van belang nu al op te letten. Op verschillende manieren kan een mogelijke groei van nepnieuws worden tegengegaan. ‘Het belangrijkste is het in stand houden van dat goede mediasysteem, zodat kwaliteitsmedia ook beschikbaar blijven voor mensen die er minder makkelijk voor kunnen betalen. Platforms als Facebook en Google hebben ook een rol. Ze werken aan algoritmes die zorgen dat nepnieuws niet bovenaan komt.’ Ook media-educatie voor jongeren is belangrijk. ‘Het is niet zo dat zij automatisch doorhebben wat nepnieuws is.’  

De overheid moet bij het tegengaan van nepnieuws terughoudend zijn, vindt Möller. ‘Er zijn goede redenen om de overheid zo ver mogelijk van de inhoud van media te houden. Kijk naar Amerika, met een president die grote mediabedrijven “fake news” noemt. Maar de overheid kan wel dingen doen om goede media te ondersteunen. Door goede opleidingen voor journalisten in stand te houden, misschien ook door eisen aan de platforms te stellen. Er zijn veel mogelijkheden die er niet toe leiden dat de overheid nieuws gaat censureren.’

Het socialmediabeleid van de oude en nieuwe garde journalisten: Aanwinst of onzin?

in Actueel/Media by

De ene journalist is trots dat hij geen smartphone heeft en niet op Facebook zit, de andere heeft dag en nacht minstens een oog gericht op de non-stop stromen nieuws, geruchten en roddels. Nieuws verspreidt zich vaker en sneller via de kanalen van de sociale media. Hoe gaan nieuwe en oude media om met het effect van sociale media?

Door Addie Schulte

Gert-Jaap Hoekman

Hoofdredacteur NU.nl

‘We maken ons niet zo druk over het algoritme en clickbait. Maar twee procent van onze bezoekers komt via sociale media. Een kop voor Facebook moet anders zijn dan voor je site, maar we houden er wel rekening mee dat mensen alleen de kop lezen. Die mag niet mysterieus zijn. Het is een godsgeschenk dat we het klikgedrag van bezoekers live kunnen volgen, om er vervolgens schijt aan te hebben. We zijn eigenlijk een antisociaal media-medium. We willen heus wel de grootste zijn op Facebook, en ik kan niet zonder Twitter. Maar als iets “viral” gaat, betekent dat niet dat wij er per se over schrijven.’

Joris Luyendijk

Journalist en schrijver

‘Sociale media zijn geweldig om je open te stellen voor bronnen. Dat kan ook anoniem en laagdrempelig. Bovendien kan je via sociale media heel veel informatie en inzichten verwerven en onderzoeken of die representatief zijn. Het is een enorme plus om op die manier te kunnen werken.

Het gebruik van sociale media hangt natuurlijk ook van het onderwerp van het journalistieke onderzoek af. Politici staan te trappelen om met journalisten te praten. Bij bankiers, die ik wilde spreken voor mijn onderzoek voor mijn boek Dit kan niet waar zijn, was dat wel anders.’

Tanja van Bergen

Directeur Vereniging van Onderzoeksjournalisten (VVOJ)

‘Traditionele media kunnen van sociale media leren wat wel en niet werkt. Ze moeten die niet uitsluitend als bedreiging zien. Dat nieuws sneller gaat, is een constante. Het is ouderwets om te denken dat sociale media allerlei hapklare informatie presenteren en het brein daardoor lui wordt. Want waarom trekt “Syrië” wel de aandacht met de foto van een verdronken jongetje die direct via sociale media de wereld rondgaat? Journalisten nemen te snel aan dat hun ideeën over nieuws ook die van de lezers zijn. Sociale media slaan daar een bres in.’

Jan Bonjer

Hoofdredacteur Het Financieele Dagblad

‘We tappen de Twitter-feed af als signalering. We gebruiken sociale media ook om onze berichtgeving te verspreiden, vooral via LinkedIn. De inhoudelijkheid en de netwerken daar passen beter bij ons dan andere sociale media. Van Facebook zijn we bijna af. Dat is te veel op triviale onderwerpen gericht en we maken ook geen video’s, die het goed doen op Facebook. We hebben geen last van sociale media en gaan er vooral minder mee doen. We hebben andere manieren om onze lezers te bereiken; via de site en nieuwsbrieven.’

Goed nieuws komt slecht uit

in Actueel/Media by

Wie met goed nieuws komt, wekt tegenwoordig argwaan. Zeker als het goede nieuws in een rapport van een officiële instantie staat. Hoon en scepsis vielen het Centraal Bureau voor de Statsitiek ten deel toen dat berichtte dat het sinds 25 jaar best goed gaat met Nederland.

Door Addie Schulte

Begin mei kwam het Centraal Bureau voor de Statistiek met het bericht dat de geregistreerde criminaliteit de afgelopen vijftien jaar is afgenomen. Voor de kenners was dat niet volledig nieuw. Maar het leek alsof de statistici hadden verkondigd dat het monster van Loch Ness ten hemel was gevaren. Dit kon niet waar zijn.

De Volkskrant meldde dat de burgers dat heel anders ervaren. De Telegraaf ging de straat op om die burgers aan het woord te laten, met voorspelbaar resultaat. Andere journalisten brachten in herinnering dat bepaalde vormen van criminaliteit niet allemaal in dat rapport staan: sexting, criminaliteit binnen bedrijven, drugshandel. Het Parool waarschuwde er op filosofische wijze voor dat het rapport van twintig pagina’s niet de volledige werkelijkheid dekt.

Journalistieke scepsis tegen officiële mededelingen is gerechtvaardigd. Maar scepsis kan doorslaan in een bijna paranoïde houding waarbij het verlangen de beweringen te weerleggen het wint van een zakelijker benadering. Als de krant roept dat mensen zich onveilig voelen, werkt dat vooral een gevoel van onveiligheid in de hand.

En misdaad is een belangrijk onderwerp voor veel media. Als iemand de situatie komt relativeren, is de neiging niet om op de banken te gaan staan en dat toe te juichen.

Tom Staal: luis in de pels van de parlementaire journalistiek

in Actueel/Media by

Tom Löbermann (41), beter bekend als filmpjesmaker Tom Staal van GeenStijl, was tot zijn 34ste nauwelijks bekend buiten zijn thuisstad Utrecht. Hij werkte een tijd als kok, dj’de in rockcafé Stairway to Heaven en probeerde het een tijdje als stand-upcomedian. Hij organiseerde ook de Utrechtse talkshow Domkracht, maar verder wees niks op een carrière als landelijk bekende verslaggever. Zelf dacht hij ook nooit dat hij zijn geld zou gaan verdienen in de media.

Een filmpje dat hij in 2011 maakt voor een lokale nieuwssite, verandert alles. In dat filmpje – zijn tweede pas voor die site – gaat Staal met het nodige duw- en trekwerk de confrontatie aan met de beruchte huisjesmelker Willem Vloet. Het filmpje gaat viraal en prompt krijgt Löbermann een fulltime baan aangeboden door GeenStijl, dat een opvolger zocht voor de naar de publieke omroep vertrokken Jelte Sondij.

Over het aanbod hoeft hij niet lang na te denken. ‘Ik was altijd al fan van GeenStijl,’ blikt hij terug. ‘Wat Rutger Castricum in die begintijd deed, was compleet nieuw en fris. Hij heeft voor journalisten als ik de weg geplaveid.’

Duwen en trekken
Al snel maakt hij als Tom Staal naam bij GeenStijl. Overal waar hij komt met zijn roze microfoonkap slaat de vlam in de pan. Hij wordt door fotograaf Erwin Olaf in zijn gezicht gespuugd en krijgt het aan de stok met de extreemrechtse politicus Constant Kusters. Het is niet alleen duwen en trekken dat Staal doet. Hij maakt ook een veelbesproken serie filmpjes over het misbruik van declaraties en onkostenvergoedingen door Europarlementariërs in ‘rioolput’ Brussel.

Bij Omroep PowNed, waar hij in 2013 voor begint te werken, staat Tom Staal ook garant voor spektakel. Zo scheldt hij in een reportage raadslid Bert van der Roest de huid vol om het verduisteren van tienduizenden euro’s uit de kas van de Utrechtse daklozenkrant Straatnieuws. ‘Wat ben je toch láááág,’ foetert Staal tegen Van der Roest, die hij aankondigt als ‘een kutmongool’. Zelfs voor PowNed-begrippen grensverleggend. NRC bombardeert hem tot ‘treiteraar met hipsterbaardje’.

Toch heeft ook Staal grenzen. ‘Ik zou nooit met draaiende camera op gewone mensen op straat afgaan. Die kiezen niet voor de spotlight. Woordvoerders en politici vind ik een heel ander verhaal. Die moet je hard aanpakken. Dat is de enige manier om ze uit hun comfortzone te halen. Doe je dat niet, dan krijg je alleen maar media getrainde antwoorden.’

Een jaartje ouder
Zelf krijgt hij ook regelmatig de volle laag. ‘Prima, dat hoort bij de spotlight. Ik neem andere mensen de maat, dus ik moet zelf ook kunnen incasseren. Wat ik niet normaal vind, zijn die mensen die je op straat verrot schelden. Dat komt er helaas ook bij.’

Tegenwoordig werkt Staal niet meer voor PowNed (‘Daar gaat het nergens meer over’). Voor GeenStijl maakt hij als freelancer nog wel filmpjes, vaak vanuit de Tweede Kamer. Opvallend: het duwen en trekken zien we nog zelden. Staal: ‘Ja, ik ben ook een jaartje ouder geworden. Maar ik ben nog steeds hard, hoor. Het klinkt een beetje arrogant om te zeggen, maar ik ben op dit moment de enige in Den Haag die nog weleens een politicus sloopt.’

Heeft het Parijs-akkoord toekomst?

in Maatschappij/Media by

Zijn wij verantwoordelijk voor klimaatverandering en kunnen we ook eigenhandig de ingrijpende veranderingen tegenhouden? Of zijn schommelingen in temperatuur schromelijk overdreven en beleidsmaatregelen onbetaalbaar en onverantwoord? Over het Parijs-akkoord is in de coulissen nog heel wat onenigheid.

Eind 2015 ondertekenden 195 landen in Parijs een klimaatakkoord. Een reeks ingrijpende maatregelen moet vanaf 2020 de uitstoot van broeikasgassen terugdringen en zo een einde maken aan de opwarming van de aarde. De temperatuur mag wereldwijd nog maximaal met twee graden Celsius stijgen, liefst veel minder.

De kosten van het klimaatakkoord zijn gigantisch. Voor Nederland alleen al komen ze jaarlijks uit op 3,5 tot 5 miljard euro tot 2030. Mondiaal gezien gaat het om honderden miljarden.

Het klimaatakkoord was een compromis; volgens critici zou er veel meer moeten gebeuren om een ongekende klimaatramp af te wenden. Zij wijzen op wetenschappelijke cijfers waaruit blijkt dat het allemaal nog erger is dan gedacht. Maar er zijn ook klimaatsceptici en zelfs -ontkenners. Zij vinden iedere cent die aan bestrijding van de CO2-uitstoot wordt besteed weggegooid geld.

Mogen journalisten alsjeblieft iets meer verdienen?

in Actueel/Media by

De tarieven van freelance journalisten zijn het afgelopen jaar opnieuw gedaald. Dat blijkt uit de Monitor Freelancers en Media. Reden: uitgevers van kranten en tijdschriften hebben steeds minder te besteden door teruglopende inkomsten uit advertenties en abonnees. Kind van de rekening zijn freelance journalisten, die in sommige gevallen voor minder dan het minimumloon hun verhalen maken.

Britt van Uem

Freelance journalist

‘Met een artikel van 445 woorden in de regionale krant Tubantia verdien ik € 57,85. Met zo’n artikel ben ik een uur of 5 bezig. Ik overweeg om ermee te stoppen, ik kan het namelijk niet meer verantwoorden naar mezelf. Ik ben veel meer waard dan 13 cent per woord. Veel mensen in mijn beroepsgroep durven hun mond hier niet over open te trekken omdat ze bang zijn dat ze geen klussen meer krijgen. Misschien gebeurt dan nu ook met mij. Maar ik vind het belangrijk om op te komen voor een groep die niet durft op te komen voor zichzelf omdat ze hun werk willen houden. Iemand moet het zeggen. Dan ben ik maar de

Martha Riemsma

Hoofdredacteur van Tubantia

‘Ik ervaar de dagelijkse praktijk heel anders,’ zei Martha Riemsma op NPO Radio 1. ‘Wij werken met ongeveer honderd freelancers en dat zijn allemaal mensen die het hartstikke leuk vinden om voor ons te werken en die prima uit de voeten kunnen met dat tarief. Voor de meeste freelancers is Tubantia ook niet hun enige inkomstenbron, ze  schrijven bijvoorbeeld ook brochures en verdienen daar beter mee. Wij zijn als regionale krant geen publiek medium, elke euro die eruit gaat moet ook weer verdiend worden. Als je freelancer bent, moet je voor jezelf bepalen of je het voor 13 cent per woord wilt doen. Dat zal Britt ook moeten doen.’

Naschrift redactie: Britt van Uem maakte na de uitzending op Radio 1 bekend te stoppen met schrijven voor Tubantia.

Rutger de Quay

Student journalistiek en freelance journalist

‘Ik heb ook weleens gewerkt voor extreem lage tarieven. Dat was prima toen ik nog bij mijn ouders woonde. Maar nu ik op mezelf woon, weet ik dat je totaal niet kunt leven van de tarieven die soms worden geboden. Sommige voetbalnieuwssites betalen hun freelance redacteuren tussen de vier en zeven euro per uur, ben ik te weten gekomen van mensen die voor die sites hebben gewerkt. Dat is ruim onder het minimumloon. Ik heb daarover een blog geschreven omdat ik vind dat nieuwslezers moeten weten wat er achter die websites schuilgaat. Jammer is dat er niks aan deze situatie kan worden gedaan, omdat er voor zzp’ers geen minimumloon geldt. Misschien dat vakbonden in actie kunnen komen.’  

Rosa García López

Secretaris journalistenvakbond NVJ

‘Als NVJ vinden we dat er een minimumtarief voor freelance journalisten moet komen. In de architectenbranche is er al zo’n afspraak gemaakt op cao-niveau. Zo’n afspraak is ook hard nodig in de journalistiek. Je ziet nu gebeuren dat op redacties vaste medewerkers moeten verdwijnen en dat er zelfstandigen voor terugkomen die hetzelfde werk doen, maar slechts de helft betaald krijgen. De markt is echt verziekt. Ik snap dat sommige kranten en tijdschriften het geld helemaal niet hebben om al hun journalisten fatsoenlijk te betalen, maar journalistiek heeft een prijs. Journalistiek is vaak complex werk en om kwaliteit te leveren heb je tijd nodig. Kranten zouden misschien wel wat dunner kunnen. Minder verhalen, maar wel verhalen van kwaliteit, waar normaal voor is betaald.’

0 0,00
Go to Top