Category archive

Maatschappij - pagina 2

Heeft het Parijs-akkoord toekomst?

in Maatschappij/Media by

Zijn wij verantwoordelijk voor klimaatverandering en kunnen we ook eigenhandig de ingrijpende veranderingen tegenhouden? Of zijn schommelingen in temperatuur schromelijk overdreven en beleidsmaatregelen onbetaalbaar en onverantwoord? Over het Parijs-akkoord is in de coulissen nog heel wat onenigheid.

Eind 2015 ondertekenden 195 landen in Parijs een klimaatakkoord. Een reeks ingrijpende maatregelen moet vanaf 2020 de uitstoot van broeikasgassen terugdringen en zo een einde maken aan de opwarming van de aarde. De temperatuur mag wereldwijd nog maximaal met twee graden Celsius stijgen, liefst veel minder.

De kosten van het klimaatakkoord zijn gigantisch. Voor Nederland alleen al komen ze jaarlijks uit op 3,5 tot 5 miljard euro tot 2030. Mondiaal gezien gaat het om honderden miljarden.

Het klimaatakkoord was een compromis; volgens critici zou er veel meer moeten gebeuren om een ongekende klimaatramp af te wenden. Zij wijzen op wetenschappelijke cijfers waaruit blijkt dat het allemaal nog erger is dan gedacht. Maar er zijn ook klimaatsceptici en zelfs -ontkenners. Zij vinden iedere cent die aan bestrijding van de CO2-uitstoot wordt besteed weggegooid geld.

Weekendtip: zalig zuur anti-katermedicijn

in Maatschappij by

Bernie houdt van eten. En kijkt graag in de keuken. Deze keer ontrafelt de Peruaanse chef Patricia Lavado van het Rotterdamse Ceviche y Maas de geheimen rond haar nationale gerecht: ceviche.

Het is zuur, het is zilt, een beetje spicy, aromatisch, fris, sappig met een bite, verkwikkend en gezond. Het komt oorspronkelijk uit Peru, maar gelukkig kun je het op steeds meer plekken in Nederland eten: ceviche. Patricia Lavado is geboren in Lima, maar belandde in Rotterdam, waar ze in 2016 haar eigen restaurant opende: Ceviche y Maas, dat helemaal draait om deze beroemde koude heerlijkheid van rauwe vis, citrus en kruiden. Lees meer

Sterrenspot Sinne: alles in evenwicht

in Actueel/Maatschappij by

Bij het Amsterdamse sterrenrestaurant Sinne is alles in verhouding. Aan tafel met de 37-jarige chef en eigenaar Alexander Ioannou, ‘het hoeft allemaal niet zo formeel van mij’.

Amsterdam kent een groeiend aantal toprestaurants. De meeste zijn te vinden in het centrum, aan de grachtengordel, en in het chique Oud-Zuid. Sinne is gevestigd in studentenwijk De Pijp, en kreeg een jaar na opening in 2014 een eerste Michelinster. ‘Onze locatie is niet geheel toevallig gekozen,’ stelt chef en eigenaar Alexander Ioannou. Aan tafel zien we niet alleen mensen die een abonnement lijken te hebben op toprestaurants, maar ook opvallend veel studenten die even een vorkje wegprikken. De Franse keukenkeurmeesters waarderen die insteek, zo blijkt. Net als de gasten – na de hoge onderscheiding is een wachtrij voor een tafeltje in het restaurant in het weekend van bijna drie maanden. Lees meer

Janneke de Bijl heeft humor met inhoud

in Maatschappij by

Cabaretier Janneke de Bijl vindt zichzelf niet grappig. In ieder geval niet in het dagelijkse leven. Op het podium is ze dat wel.

Janneke de Bijl won in 2017 de jury- en de publieksprijs van het Rotterdamse cabaretfestival Cameretten. Met de Cameretten-finalistentour speelt ze momenteel door Nederland. Eerder werd ze lid van het collectief Comedytrain. Ze is te zien in het Amsterdamse Toomler als stand-upcomedian. Op dinsdag en woensdag is er open podium, dan kun je je grappen testen. ‘In het weekend moet je wel met echt goede dingen komen, mensen betalen negentien euro voor een kaartje.’ Alles wat ze tijdens de finalistentour laat zien, is al eens getest. Daardoor is ze minder zenuwachtig. Lees meer

De nieuwe feministische golf: wat is de inzet?

in Actueel/Maatschappij by

Nederland heeft de laagste arbeidsparticipatie van Europa, als je die uitdrukt in uren. Vrouwen werken maar 29 uur – mannen slechts 37 uur. Dat wordt gezien als falen van de emancipatie. Dat is maar gedeeltelijk waar: in Nederland is het simpelweg niet zo rendabel om hard te werken en veel te verdienen: kom je over een bepaalde inkomensdrempel, dan verlies je fiscale voordelen en ga je er fors op achteruit. Lees meer

Op de barricaden! Vijf feministische frontvrouwen

in Actueel/Maatschappij by
Foto: Jos van Zetten (Flickr)

Sylvana Simons
Sinds oud-presentatrice Sylvana Simons een paar jaar geleden besloot om actief de boer op te gaan tegen racisme en seksisme, is ze volop in het nieuws. Ze werd eerst trots binnengehaald bij DenK, maar toen bleek dat deze partij toch meer opkwam voor de rechten van de Turks-Nederlandse man, begon ze haar eigen partij: Artikel1. Daarmee deed ze met onvoldoende succes mee met de Tweede Kamerverkiezingen van 2017. Ze probeert het nu met de gemeenteraadsverkiezingen opnieuw. Als er iemand niet bang is om haar tanden te laten zien, is het Sylvana wel. Ze roept veel weerstand, angst en scheldpartijen op. Sommige mensen gaan al hyperventileren bij het zien van haar gezicht. Is dat bij jou het geval, haal dan even adem en probeer rustig bij jezelf te rade te gaan waarom nou eigenlijk precies.

Femke Halsema
Deze welbespraakte oud-Groenlinks-lijsttrekster en -Kamerlid tourt nu langs de theaters met het programma Een vrij land, en schrijft dit jaar het essay voor de Nacht van de Filosofie. Ze profileert zich als feministe zonder tegen schenen te schoppen, maar door zich vooral te richten op economische emancipatie en armoede onder vrouwen. Haar naam wordt wel genoemd als kandidaat voor de Amsterdamse burgemeesterspost, wat haar meteen omhoog zou laten schieten in de glazen plafond-index.

Asha ten Broeke
Journaliste, schrijfster, columniste Asha ten Broeke schrijft over gender, over obesitas, over racisme en ja, ook over feminisme. Het is dus zeker niet het enige onderwerp op haar agenda, maar als opiniemaker is ze wel een van de stemmen in het feministische debat.

Ook Asha durft nogal uitgesproken te zijn in haar mening en ook zij roept veel weerstand en scheldpartijen op, vaak gericht op haar uiterlijk. Kun jij haar ook niet uitstaan, denk dan nog eens goed na waarom dat precies het geval is.

Simone van Saarloos
Simone van Saarloos (1990) is filosofe, columniste en schrijfster. Ze pleit voor een ruimere blik op liefde, polyamorie en een brede blik op feminisme. Ze is is wat genuanceerder in het debat en wat minder grijpbaar dan haar frontvrouwgenoten, maar zeker niet minder feministisch. Oh ja: ze was ook in 2015 de jongste Zomergast ooit.

Hadjar Benmiloud
Hadjar Benmiloud omschrijft zichzelf als multicultureel, intersectioneel, en intergalactisch feminist. Deze journalist en televisiemaker begon in 2013 met het definiëren van de ‘nieuwe informele feministische golf’, een project dat uitmondde in het online feministische magazine Vileine.nl, waar vijftig schrijfsters samen het nieuwe feminisme een stem geven.

Lees ook: Feminisme anno 2018: Wat willen de dames?

Feminisme anno 2018: Wat willen de dames?

in Actueel/Maatschappij by

Eindelijk was ze daar. Oprah Winfrey. Ze moest er eerst de Cecil B. DeMille-Award, de meest prestigieuze prijs in showbusiness, voor krijgen. Oprahs acceptance speech ging de hele wereld over. Over hoe ze zo graag een voorbeeld wilde zijn voor kleine meisjes, hoe ze deze prijs opdroeg aan alle vrouwen die hadden geleden onder het juk van het patriarchaat. Eindelijk kreeg de emancipatiebeweging, het feminisme anno 2018, een gezicht. Dat van the glorious miss Oprah Winfrey. Tegelijkertijd kozen woordenboekenfabrikant Merriam-Webster én Time Magazine allebei ‘feminisme’ als het woord van 2017. Kortom: dat we in een nieuwe feministische golf zitten, is inmiddels wel duidelijk. Maar hoe die golf er precies uitziet en wat die golf wil, is dat niet.

Terug in de tijd
Zo eind jaren negentig bleek feminisme uit de mode. Het was koket om jezelf juist géén feminist te noemen. Want dat was stoffig, geurde naar tuinbroeken en okselhaar. Bovendien waren man en vrouw inmiddels wel gelijk, toch? Voorzichtig werd gesteld dat de emancipatie van man en vrouw voltooid was. Het bleek de voorbode van een glibberige glijpartij terug in de tijd.

Twintig jaar later is de ongelijkheid in inkomen tussen man en vrouw zo’n 20 %, zit het glazen plafond nog steeds stevig op zijn plek en vanuit conservatieve en met name ook religieuze hoek wordt aan de seksuele vrijheid van vrouwen gemorreld. Anticonceptie is uit het basispakket en de SGP weet ondanks het feit dat ze maar twee zetels heeft, toch abortus weer op de politieke agenda te zetten. Aan de andere kant krijgen Nederlanders met een islamitische achtergrond ook ruimte om hun vrouwonvriendelijke en -onderdrukkende kuisheidscultus in stand te houden, en zo hele generaties meisjes klein te houden. Rappers en hoofddoekmeisjes schelden jonge vrouwen die zich niet als mummy inpakken uit voor ‘kech’ en lesbiënnes krijgen van mannen van allerlei pluimage nog steeds de vraag: ‘Mag ik meedoen?‘ Het patriarchaat tiert welig en in de politiek is mansplaining van vrouwelijke issues weer helemaal terug. Kortom: help, feminisme, red ons!

Strijdbare chaos
Maar wie redt wie? Hoe staat het feminisme er anno 2018 voor? Onder feministische vrouwen heerst vooral een soort strijdbare chaos. Met volop eensgezindheidover over het ffeit dat er dingen anders moeten, maar zonder een duidelijke leiding of richting. Veel woorden, weinig actie. Het feminisme is net als elke andere beweging in deze versplinterde tijden niet hiërarchisch georganiseerd. En omdat het een anarchistische, brede, wereldwijde beweging is, is het ook lastig er je vinger op te leggen. Er zijn opiniemakers, maar geen leiders. Veel debat, maar geen grote massa’s op de straten – in elk geval nog niet in Nederland.

Inhoudelijk lijkt er wel een soort consensus te bestaan. Het Nieuwe Feminisme draait om de herevaluatie van culturele normen en roept op tot aanpassen van patronen die eeuwenlang als normaal werden gezien. Ideeën over mannen en vrouwen, rigide hokjes, harde scheidslijnen. Of zoals publiciste Linda Duits stelt over deze golf: ‘Er is niet één soort feminisme, er is niet één soort feminist. We moeten ons ontworstelen aan de eeuwenoude rigide ideeën over mannen en vrouwen.’

Feminisme nieuwe stijl is onderdeel van een bredere emancipatiebeweging die opkomt voor de rechten van groepen die ondervertegenwoordigd worden in de macht. Want als we toch besluiten een gedateerde moraal aan te pakken, dan meteen voor iedereen. Al met al noemen we dit ‘intersectioneel feminisme’. Nee, dat klinkt niet heel sexy. Maar goed, Oprah is dat ook niet, sexy. En waarom zouden vrouwen dat nog ambiëren, sexy zijn? Het is tijd voor inhoud, in plaats van vorm.

Feminisme versus #MeToo
Over sexy gesproken: 2018 is ook het jaar-na- #MeToo. De ontwikkelingen gaan sneller dan bij te houden is. Helden vallen rap van hun voedstuk en blijken viespeuken. De #MeToo-beweging, die gelieerd is aan het feminisme, draait om het blootleggen van grensoverschrijdend seksueel gedrag. Maar om Oscar Wilde te citeren: ‘Alles draait om seks, behalve seks.’ Het draait om macht. En dat is de onderliggende laag van #MeToo. Het is een aanklacht tegen een diepgeworteld cultureel gegeven dat veel verder gaat dan Hollywoodbonzen. Een cultuur van machtsmisbruik, waar machtige mannen zich keizers wanen in hun zakenimperiums, waar vrouwen niet ongestraft avances van een meerdere af kunnen wijzen. Een cultuur waar we heel, heel snel vanaf moeten. En als er bij de omwerping van dat hypocriete morele regime wat grote ‘staatsmannen’ vallen, soit.

Te veel gehoord: de opmerking – meestal van mannen – dat #MeToo doorslaat in een ‘heksenjacht’, dat dit alles overdreven is en misschien wel symboolpolitiek. Ook te veel gehoord na #MeToo: ‘Je mag zeker nooit meer een meisje op een biertje trakteren.’ Oh, shut up. Iedereen die niet als psychopaat gediagnosticeerd is – of knetterlam is, maar dat is geen excuus – weet in zijn of haar hart prima wat oké is en wat niet. En ‘nee’ accepteren hoort daar gewoon bij.

Het is ook tijd voor een nieuwe moraal. In de westerse cultuur leren vrouwen niet te zeuren, braaf te slikken, niet te klagen, die net te ver glijdende grijpende handjes subtiel terug te leggen.… Simpel. #MeToo is ook een les voor vrouwen. Een les in hardop ‘nee’ durven zeggen. De taak van het feminisme van nu ligt ook in de opvoeding. Van meisjes én jongens. En een goed voorbeeld geven. En kinderen opvoeden met het idee dat seks fijn en leuk moet zijn voor allebei en vrij van druk en dwang door een ongelijke machtsverhouding.

Wat moet de man?
Over het algemeen is de relatie tussen mannen en feminisme een ongemakkelijke. Het Nieuwe Feminisme richt zich vooral tot (kijk, hier staat niet: tégen) de heersende klasse. Het roept op tot het herevalueren van de norm, om verder te kijken dan de eigen cirkel, om je bewust te zijn van je privileges. Maar die heersende klasse wordt dus vooral gevuld met witte mannen van middelbare leeftijd. En in plaats van dat die denken: ik houd van vrouwen, laat ik ook eens bij mezelf te rade gaan, is een acute kramp een veelvoorkomende reactie. Met een verongelijkt ‘Ze haten ons!’ laten mannen – ook juist van de lagere klassen, overigens – zich vol in het harnas jagen. Met polarisatie als gevolg. Op Twitter krijgen feministen een ongekende hoeveelheid verbale bagger over zich heen, en de conservatieven worden met het zicht op mogelijke verandering alleen maar feller. Angst voor verandering heeft vaak het gevolg dat mensen zich van hun lelijkste kant laten zien.

Het Nieuwe Feminisme roept op tot actie. Ook en juist van de mensen die het al goed hebben, voor mensen die ondervertegenwoordigd worden. En het vraagt om verandering. Niet zozeer van wetten, maar van gewoontes. Van tradities. En dat is confronterend.

Gelukkig komen steeds meer – vooral jonge – mannen uit de kast. Uit Brits onderzoek blijkt dat de meerderheid van de mannen bereid is om te helpen om de gelijkheid tussen de seksen te vergroten. En 20 % durft zich een feminist te noemen. Het wordt inderdaad tijd voor meer feministische mannen. Die zich niet aangevallen, maar uitgedaagd voelen om lef en inlevingsvermogen te tonen. Mannen die bereid zijn hun voorrangspositie – als ze die hebben – in te zetten voor meer gelijkheid.

Plaatje
Nu nog een duidelijk plaatje om op de golf te plakken. De femisten van de eerste en tweede golf hadden een duidelijk – symbolisch – doel met wat wat ze wilde bereikten. Vaak in de vorm van een wet, zoals het vrouwenkiesrecht het symbool was van de strijd van de suffragettes, en de legalisering van de pil voor de baas-in-eigen-buikfeministes. Ondanks het feit dat de nieuwe generatie feministen strijdt voor een cultuurverandering kunnen ze ook best in de wet een duwtje inde rug gebruiken, in de vorm van gratis kinderopvang, langer vaderschapsverlof en keiharde wetten tegen arbeidsdiscriminatie en ongelijke betaling, en in eerste instantie toch harde quota voor vrouwen en minderheden op hogere posities. En met als boegbeeld natuurlijk Oprah, als eerste zwarte vrouwelijke president van de VS. Oprah to the rescue.

Nederland belastingparadijs?

in Actueel/Maatschappij by

De een zegt dat het mkb, derdewereldlanden en de gewone Nederlander opdraaien voor cadeautjes aan multinationals, de ander pleit voor afschaffing van de vennootschapsbelasting om buitenlands kapitaal en talent te lokken. Wat is wijsheid in ‘belastingparadijs’ Nederland?

Toine Manders (48) maakte naam als politiek leider van de Libertarische Partij en directeur van het Haags Juristen College, waarmee hij gunstige belastingconstructies voor ondernemers optuigde. De FIOD arresteerde Manders in 2014 op verdenking van het leveren van illegale trustdiensten en het leidinggeven aan een criminele organisatie. Tegenover hem staat Henk Willem Smits (41), Quote-redacteur en coauteur van het boek Het Belastingparadijs met de veelzeggende ondertitel: Waarom niemand hier belasting betaalt – behalve u.

Hoe is het gesteld met het Nederlandse belastingstelsel?
Henk Willem Smits: ‘De belastingmoraal is heel hoog: 95 procent van de Nederlanders betaalt keurig op tijd zijn belasting. Daarom ligt het land er ook zo goed bij.’

Toine Manders: ‘Als je het vergelijkt met heel veel andere landen, doet Nederland het inderdaad relatief goed. Maar dat doet niets af aan mijn stelling dat belasting gelegaliseerde roof is. Ook het Nederlandse belastingstelsel is een gedrocht, een crimineel systeem. Als je niet betaalt, wordt er ingebroken. Verzet je je ertegen of doe je geen aangifte, dan word je opgesloten.’

Smits: ‘Als je ziet hoe Nederland in het internationale fiscale krachtenspel opereert, dan zou je het echt een belastingparadijs of een piratenstaat kunnen noemen. Er zijn hier meer brievenbus-bv’s en voordelige regels dan in Luxemburg of Groot-Brittannië.’

Manders: ‘Er zijn landen waar wij iets van kunnen leren, zoals Hong Kong, Singapore en Dubai. Daar zijn de belastingen ontzettend veel lager dan hier en komt dubbele of driedubbele heffing veel minder vaak voor. Deze landen waren in 1960 extreem arm, maar zijn nu veel rijker dan wij.’

Wie heeft het meest te lijden onder het huidige overheidsbeleid?
Smits: ‘Derdewereldlanden en het mkb in Nederland. Als Starbucks geen belasting betaalt en Bagels & Beans wel, dan heeft Starbucks concurrentievoorsprong; ze houden meer geld over voor marketing, productinnovatie en de beste locaties. In derdewereldlanden snappen ze niet altijd even goed hoe onze westerse belastingstelsels werken. Nederland heeft jarenlang ambtenaren de wereld over gestuurd om verdragen te sluiten waarvan extractiebedrijven als Shell en BP gebruik kunnen maken om weinig tot geen belasting te betalen over olie, goud en ijzererts die ze in derdewereldlanden winnen.’

Manders: ‘Wie werkt wordt gestraft. Nederland buit de netto belastingbetaler uit ten behoeve van contraproductieve mensen die parasiteren op de staat, zoals politici, ambtenaren en lobbyisten. Zij leveren een negatieve bijdrage aan de samenleving en worden daar ook nog eens vorstelijk voor beloond.’

Moeten de belastingen omhoog of omlaag?
Smits: ‘Het belangrijkste is dat heel rijke mensen en grote bedrijven überhaupt belasting betalen. Als dat gebeurt, zouden de belastingen misschien wel omlaag kunnen.’

Manders: ‘Ik ben principieel tegen iedere vorm van belasting. Roof kan nooit gerechtvaardigd zijn.’

Smits: ‘Als rijke mensen en grote bedrijven geen belasting betalen, komt de rekening terecht bij het mkb en mensen in loondienst. Kijken we naar de totale belastinginkomsten, dan daalt al decennialang het aandeel dat bedrijven opbrengen. Daardoor stijgt het aandeel dat werknemers betalen en moeten bijvoorbeeld de btw en accijnzen op alcohol en tabak omhoog.’

Manders: ‘Belastingontwijking en belastingparadijzen bevorderen

belastingconcurrentie tussen landen. Die leidt tot lagere belastingtarieven voor

iedereen, ook voor mensen die zelf geen belasting ontwijken. Uit veel onderzoeken blijkt dat een lagere belastingdruk en regeldruk correleert met minder armoede. Bovendien: en rechtspersoon is een fictie, geen echte persoon van vlees en bloed. Vennootschappen kunnen om die reden helemaal geen belasting betalen. Als je bedrijven onderwerpt aan vennootschapsbelasting, is dat in feite een dubbele belasting op sparen en beleggen. Die worden daardoor ontmoedigd, terwijl het juist broodnodig is om onze lonen en levensstandaard te laten stijgen. Als politici ons beloven dat ze bedrijven wel zullen laten opdraaien voor alle cadeautjes die ze uitdelen, is dat kiezersbedrog: in werkelijkheid betalen we die zelf.’

Smits: ‘Dat laatste klopt, maar de ontvangers van die cadeautjes zijn juist al die grote bedrijven. Met als rechtvaardiging dat het banen oplevert, wat nog maar de vraag is. Ondertussen gaat de overheid niet minder geld uitgeven. Dat geld moet ergens vandaan komen. De rekening wordt voor een aanzienlijk deel bij de gewone Nederlander neergelegd.’

Wat kan de overheid het best als eerst aanpakken?
Smits: ‘Heel agressieve belastingontwijking. Ook een optie: meer inspecteurs aannemen voor de Googles van deze wereld. De Belastingdienst heeft gewoon te weinig mensen in dienst en daarom geen zin om er goed naar te kijken en geen tijd om tien jaar te procederen.’

Manders: ‘Wat mij betreft heeft het afschaffen of in ieder geval verlagen van de vennootschapsbelasting prioriteit, omdat lage tarieven talent en kapitaal lokken en hoge tarieven ze verjagen. Ierland had in de jaren tachtig een vennootschapsbelasting van 50 procent en was het op een na armste land van de Europese Gemeenschap. Nadat die was verlaagd naar 12,5 procent, groeide het land uit tot het op een na rijkste land van de Europese Unie. Dat voorbeeld zou Nederland moeten volgen.’

Smits: ‘Walmart heeft hier niet eens winkels, maar sluist wel poen door ons land. De huidige substance-eisen houden in de praktijk niet veel meer in dan dat een buitenlands bedrijf een Nederlands adres en een telefoonnummer moet hebben en een jaarverslag inlevert. Dat is geen werkbaar systeem. Met strengere eisen kun je er misschien een paar zware gevallen tussenuit halen.’

Manders: ‘De regel- en lastendruk moeten juist omlaag, anders vliegen de kippen die de gouden eieren leggen weg. Als Nederland naar 10 procent vennootschapsbelasting zou gaan, het laagste tarief van de EU samen met Bulgarije, zou dat heel veel bedrijvigheid aantrekken. Verder denk ik dat afschaffen van de dividendbelasting een heel goede zet is, aangezien buitenlandse investeerders die moeten betalen. Dat ontmoedigt om in Nederland te investeren.’

Smits: ‘De hoogte van de vennootschapsbelasting is niet zo relevant voor de huidige praktijk van belastingparadijs Nederland, want multinationals spreken met de Belastingdienst af hoeveel geld in Nederland moet achterblijven. In het geval van Google is dat minder dan een promille. Of je nou 25 procent of 10 procent van nagenoeg niets betaalt – dat maakt geen verschil.’

Henk Willem Smits
Is redacteur bij Quote
Studeerde geschiedenis aan de Rijksuniversiteit Groningen
Woont in Amsterdam
Schreef het boek Het Belastingparadijs (2014) met Joost van Kleef en Martin van Geest

Toine Manders
Is jurist en belastingadviseur, verbonden aan Nozick Consulting LLP
Studeerde rechten aan de Universiteit van Amsterdam (niet voltooid)
Woont in Zoetermeer
Was directeur van het Haags Juristen College en politiek leider van de Libertarische Partij

De witte kamer van Dalhuisen

in Actueel/Maatschappij by

Hij is een van de jongste chefs en de drijvende kracht achter een van de oudste restaurants van Nederland. Bernie schoof aan bij Arturo Dalhuisen in The White Room, onderdeel van het NH Collection Grand Hotel Krasnapolsky. Met alleen een aantrekkelijke kaart, red je het tegenwoordig niet meer als topetablissement, je moet ook een verhaal te vertellen hebben, aldus de keukenmeester.

Wij zijn niet heel erg enthousiast over de Amsterdamse binnenstad; wat door moet gaan voor ‘De Rode Loper’ is de afgelopen jaren een bouwput gebleken en een aan- en afvoer van toeristen op zoek naar goedkoop vermaak. Van Centraal Station tot Rembrandtplein struikel je over de schreeuwerige ticketbureaus, fastfoodrestaurants en weinig flatteuze wafelbarretjes. De meeste historische gebouwen langs de route zitten verpakt achter meters grauwe etalage en neonreclame. Toch is er nog hoop voor het centrum van de hoofdstad; zo nu en dan steekt een zaak de kop op waar wij ons hart aan kunnen ophalen. Restaurant The White Room, onderdeel van NH Collection Grand Hotel Krasnapolsky aan de Dam is zo’n plek.

Goud van oud
Toegegeven, écht nieuw is het etablissement niet. Voorganger De Witte Zaal opende al in 1885 zijn deuren – toen nog met uitzicht op de kapitale entree van de Beurs van Zocher. Daarmee is The White Room een van de oudste restaurant van Amsterdam in originele staat, pochen marketeers in dienst van het vijfsterrenhotel. Eigenaar NH Hotels besloot in 2014 tot een ingrijpende verbouwing: de mintgroene jaren 70-verf verdween van de muren; de barokke ornamenten werden overgeschilderd in de originele witte kleur met gouden accenten. En een tiental romantische schilderijen werden teruggeplaatst op hun oorspronkelijke plek. Door de aanschaf van een modern wit interieur en een indeling met een beperkt aantal van zestig zitplaatsen oogt het restaurant nu chic maar zeker niet overweldigend.

Ook de kaart werd aangepakt; Krasnapolsky’s culinair adviseur en eigenaar van 3-sterrenrestaurant De Leest in Vaassen Jan Jacob Boerma schoof zijn souschef Arturo Dalhuisen naar voren om de keuken te leiden. ‘Hij werkt hard en heeft een buitengewone smaak,’ aldus de grootmeester over zijn protegé bij de opening van The White Room in april 2016. Het bleek een gouden greep. Eind 2017 mocht het restaurant zijn eerste Michelinster bij de deur hangen. Kort ervoor maakte de chef met zijn team al een stormachtig debuut in de jaarlijkse eetlijst van magazine Lekker; The White Room werd de op 67ste na beste eetplek van Nederland genoemd.

Simpel en vers
Volgens Dalhuisen is het niet gemakkelijk om je als chef te onderscheiden: ‘Het aanbod in het topsegment is enorm. Ons land gooit internationaal hoge ogen.’ De keukenmeester slaagt er desondanks in om op te vallen. Allereerst door de versheid van ingrediënten. ‘Drie keer per week vervang ik mijn hele voorraad,’ zegt Dalhuisen. De langoustines op de kaart blijken levend te worden geleverd aan het restaurant. De chef blancheert de vissen zelf – en dat proef je.

Ook aantrekkelijk is het gebruik van vooral lokale producten. De krab die gebruikt wordt voor een van de voorgerechten komt rechtstreeks uit de Noordzee, ossenhaas haalt Dalhuisen uit Overijssel. Zelfs de melk voor een bijzondere flan komt van een boerderij in de buurt, ‘een lokaal contact’. ‘Ik heb behoorlijk moeten onderhandelen,’ geeft de chef toe, ‘om eigen leveranciers te kunnen betrekken. NH Hotels heeft vanzelfsprekend vaste afspraken met producenten, daar wilde ik niet van afhankelijk zijn.’

Anders dan je misschien zou verwachten op basis van het rijke interieur, serveert Dalhuisen een, wat hij noemt, ‘steriele dis’; simpele gerechten in ruime porties. De tarbot die als hoofdgerecht op de kaart staat is groot en smakelijk. Net als de hertenbiefstuk.

Bonnetje
Dalhuisen zegt er alles aan te doen om zijn eetgelegenheid toegankelijk te houden: ‘Het is natuurlijk verleidelijk om je prijzen te verhogen als je in de prijzen gevallen bent. Maar de meeste Nederlanders trappen daar niet in; ze verwachten een goede prijs-kwaliteitverhouding, en die wil ik ze bieden.’

De chef zegt daarmee niets te veel: voor een driegangenmenu rekenen we € 32,50 af, voor een extra gang betaal je € 20 extra. Bestel je à la carte, dan leg je € 25 neer voor een voorgerecht en twee tientjes meer voor het hoofd. Onze bon komt uit op nog geen € 200 voor twee personen, inclusief wijn; even hoog als een avondje pimpelen in een van de tourist traps om de hoek.

Golden boy
Net als zijn restaurant heeft ook Dalhuisen een bijzonder verhaal. De chef werd als jong baby’tje geadopteerd uit Columbia en groeide op in het Overijsselse Holten. ‘Ik heb altijd geleerd om hard te werken voor mijn geld en alle kansen te pakken.’ Het had er zomaar anders voor hem uit kunnen zien; op zijn vijftiende werd de jonge tukker geselecteerd voor ‘het eerste’ van FC Twente, later voetbalde hij bij Go Ahead Eagles. ‘Toen ik last kreeg van mijn knie, realiseerde ik me dat mijn toekomst niet in topsport lag. Artsen stelden dat ik anderhalf jaar moest revalideren. Dat kon ik niet; ik ben geen bankzitter.’

Na een koksopleiding en deelname aan een particuliere training trad de jonge chef in dienst bij een serie toprestaurants: Valuas in Venlo, De Swarte Ruijter in Holten en uiteindelijk De Leest, van zijn leermeester Boerma in Vaassen. In 2010 won hij het NK Jonge Koks tot 25 jaar.

‘In de keuken bij die zaken kweek je zelfvertrouwen; daarbij heb ik ook geleerd om kritisch te zijn maar ondertussen onenigheid met je medewerkers te vermijden; het is een draaiende machine, die kan je niet zomaar even stoppen.’

Na enkele jaren in dienst van een baas, kiezen de meeste sterrenchefs voor een eigen zaak. Daar moet Dalhuisen voorlopig nog niet aan denken. ‘Ik ben ervan overtuigd dat we hier een tweede Michelinster kunnen halen,’ zegt hij. ‘Ik ben natuurlijk gelukkig met alle waardering, maar écht tevreden ben ik nooit. Als je achterover gaat leunen, raakt de klad erin.’

‘Politierap’ net zo goed als rapper Boef? Oordeel zelf!

in Actueel/Maatschappij by
Politie-hoefkade-rap-Bernie

Wat kunnen ze toch goed boeven vangen he, die agenten. Bij de afdeling Hoefkade, Schilderswijk/Stationsbuurt/Rivierenbuurt doen er alles aan om de kloof tussen de instituten en de ‘gewone’ burger te dichten. En je raadt het al, dat gaat niet altijd goed. Aan hun rapskills ligt het in elk geval niet. ‘De Rivierenbuurt, in Den Haag. Daar wonen de mensen… graag!’

0 0,00
Go to Top