Thierry-Baudet-Interview-Bernie-Magazine

Thierry Baudet: Een Haagse Dandy

in Actueel/Politiek by

Hij is welbespraakt, rebels en niet zelden omstreden. Met zijn Forum voor Democratie wil Thierry Baudet de Haagse politiek volledig veranderen. Het door hem zo verafschuwde ‘kartel’ zal zijn macht moeten afstaan om democratie zijn gang te laten gaan. Bernie sprak met de jonge politicus in zijn huiskamer in Amsterdam.

Dit is een korte samenvatting van het artikel in Bernie #2 dat vanaf 1 december in de winkels ligt. Koop nu het nummer of neem een abonnement op Bernie om het hele interview te lezen.

‘Journalisten aan het Binnenhof hebben hun mening klaar nog voordat je je mond opentrekt. Onafhankelijke politieke verslaggeving bestaat niet meer. Niet alleen de Publieke Omroep, maar ook verslaggevers in dienst van commerciële zenders en kranten zijn voor hun informatie afhankelijk geworden van de zittende politiek. Een groot aantal media overleeft door subsidies die door het kartel in stand worden gehouden. Dat heeft beslissende gevolgen voor de toon van de berichtgeving. Forum voor Democratie doet daar niet aan mee, en dat is te merken.’

Hoe zou je het liefst willen worden geportretteerd?
‘Zoals ik ben: als idealist. Misschien als rebel. Ik realiseer me dat ik mijn woorden anders kies dan de meeste opiniemakers en politici. Ik ben ook een beetje een kunstenaar, of op zijn minst een levenskunstenaar: een dandy.’

Af en toe kom je behoorlijk arrogant over.
‘Begrijp me goed: ik zit niet in Den Haag om vrienden te maken. Vaak wordt gezegd dat we in de Kamer “collega’s” van elkaar zijn. Dat is onzin. We zijn ambtsgenoten: politieke tegenstanders, gekozen om elkaars ideeën te bestrijden.’

Je trekt hard van leer. Je houding is misschien terecht, maar politiek niet handig. Je hebt anderen toch nodig om tot compromissen in de Kamer te komen?
‘Politici en bewindvoerders nemen op dit moment geen enkele verantwoordelijkheid. Die schuiven hun fouten af op rapporten en rekenafdelingen van departementen. Problemen worden weggemoffeld. Daar treed ik tegen op. Als mijn houding me vrienden in de Kamer kost, dan is dat maar zo.’

Ben je niet bang voor een cordon sanitaire? Met je collega’s – herstel: ambtsgenoten – van de PVV wordt uit principe al jaren geen overleg meer gevoerd. Niet als mogelijke coalitiegenoot in regeringen en maar beperkt als medestander voor beleid in de oppositie.
‘Ik denk dat afscherming door de grote partijen uiteindelijk zal worden afgerekend door de kiezer. De mensen in het land zijn niet stom; die zien ook wel wat voor spelletjes er allemaal worden gespeeld in Den Haag. Dus als ze ons uitsluiten worden we alleen maar groter en gaan we straks nóg makkelijker regeren. En dat moet ook: want oppositiepartijen hebben geen enkele rol van betekenis. Het debat in de Kamer is een groot toneelspel.’

Waarom denk je dat?
‘We houden in Nederland een schijndemocratie in stand. Tijdens de verkiezingen doen de grote partijen om stemmen te winnen net alsof ze lijnrecht tegenover elkaar staan. Even later worden achter gesloten deuren al die politieke speerpunten uitgeruild. In de formatie deze zomer en dit najaar is over alle belangrijke dossiers een beslissing genomen. Omdat regeringen per definitie een meerderheid in de Kamer hebben, worden voorstellen vrijwel altijd aangenomen – op wat wisselgeld na dat dan met een groot gebaar en veel bombarie wordt prijsgegeven en de illusie moet wekken dat er een inhoudelijk ‘debat’ gevoerd is op basis van ‘argumenten’. Allemaal flauwekul. De oppositie heeft als minderheid niets te zeggen. Ja, ik kan moties indienen – verzoeken om wetsvoorstellen te wijzigen – maar die worden in beginsel weggestemd, want er is geen meerderheid. Kom je er een keertje per ongeluk tóch doorheen, dan wordt er weinig tot niets mee gedaan. Ze verdwijnen ergens in een rapport om jaren later, als de kwestie inmiddels allang niet meer speelt, subtiel te worden afgedankt. Iedereen aan het Binnenhof weet dat het zo werkt. Politici en journalisten doen er lacherig over, maar ik vind dat een schoffering van de kiezer.’

Deze zomer publiceerde ex-VVD-kamerlid Ybeltje Berckmoes een boek over haar tijd in politiek Den Haag. Ze schetst een vergelijkbaar beeld.
‘Ja. En heb je de reacties ook gelezen? Haar voormalige collega’s beschuldigen haar van luiheid. Volgens de parlementaire pers zou ze incompetent zijn geweest. Berckmoes is gelyncht om het kartel te beschermen.’

Moet je toch eens uitleggen wat je nou bedoelt met dat kartel…
‘In Nederland hebben zo’n duizend mensen het voor het zeggen: partijbobo’s en belangrijke fractieleden, burgemeesters en andere publieke functiebekleders – veelal met een opdracht vanuit Brussel. Het gaat die beroepspolitici niet om de behartiging van de belangen van het volk, maar om de instandhouding van de eigen macht. Die macht wordt doorgegeven via de baantjescarrousel, die beschikbaar voor je blijft zolang je loyaal bent aan de partijhiërarchie. Het overgrote deel van de pakweg tienduizend bestuurders die de koers van ons land bepalen hebben hun positie aan dat systeem te danken. De benoeming van ongekwalificeerde bestuurders en inefficiënt beleid kost de samenleving een vermogen. En het is buitengewoon ondemocratisch. Het kost zeker twintig tot dertig jaar om de opgelopen schade te herstellen als gevolg van falend beleid ten aanzien van immigratie, onderwijs, zorg en veiligheid.’

Hoe denk je dat aan te gaan pakken? De door jou geschetste krachten zijn maar moeilijk te bestrijden.
‘Ik wil een mandaat van het volk om grote veranderingen door te kunnen voeren. Als het aan Forum voor Democratie ligt, krijgen we een heel korte formatieronde waarin op hoofdlijnen een paar afspraken worden gemaakt, waarna punt voor punt met wisselende meerderheden in de Kamer wordt behandeld. Ik wil een kabinet van experts – mensen die hun sporen hebben verdiend in de maatschappij of het bedrijfsleven – met échte verantwoording in de Kamer. Laat ze zich maar bewijzen. Als de bewindvoerders niet doen wat ze is gevraagd, moeten ze het veld ruimen. De premier moet rechtstreeks door de bevolking worden gekozen, net als de burgermeester. En om controle te houden op het parlement moeten burgers bindende referenda kunnen afdwingen.’

Denk je dat je ooit de kans krijgt om te laten zien wat je waard bent?
‘Daar ben ik van overtuigd. Ik denk dat meer dan de helft van de Nederlanders het in principe met mij eens is. In potentie is dat 80 tot 90 procent van de zetels. Mensen zijn van nature bang voor verandering en stemmen een stuk conservatiever dan ze eigenlijk zijn. Uit angst om hun baan te verliezen of hun huis, slikken ze de fouten van de regering. Zo van: “Ach, we geven Rutte nog maar een kans.” Maar ik geloof dat je het electoraat niet voor de gek kunt blíjven houden – op een gegeven moment is de maat vol.’

Wilders zegt ook al jaren dat hij de grootste wordt. PVV is nog altijd tweede.  
‘Het borrelt al jaren; mensen zijn structureel ontevreden over de Haagse politiek. Dat verklaart de opkomst van Fortuyn en LPF in 2002. En later de groei van de PVV. Om ervoor te zorgen dat mensen massaal op je stemmen, heb je geloofwaardigheid nodig. Tot op heden zijn de rechtse partijen er nog niet in geslaagd om dat voor elkaar te krijgen. Wilders biedt geen constructief alternatief voor de bestaande politiek. Daarbij blijft de PVV, ondanks alle ontwikkelingen, een eenmanspartij. Dat is toch niet echt aanlokkelijk.’

In de peilingen blijf je voorlopig steken op 10 tot 11 zetels, krap 10 procent van je beoogde aanhang.
‘Forum voor Democratie heeft geen absolute meerderheid nodig om te kunnen meeregeren. Ik zie wel wat in een coalitie met CDA en PVV.’

Het premierschap. Is het je daar om te doen?
‘Ik zit niet in de politiek voor mezelf. Ik vind eindeloos vergaderen niet leuk en kick er ook niet op om in pak door de Kamer te paraderen. Het ministerschap lijkt me een absolute hondenbaan. Gek genoeg maakt juist die instelling mij geschikt. Ik doe mijn werk in Den Haag met frisse tegenzin en blijf daardoor ongevoelig voor allerlei evidente inkapselmechanismen.’

Onder je groeiende aanhang zien we vooral veel mannen. Niet alle vrouwen lijken evenzeer van je gecharmeerd. Sommige feministische bewegingen en columnisten noemen je zelfs een seksist. Waar komt dat beeld vandaan?
‘Ik ben een romanticus, een ouderwetse man in de liefde. Ik hou van het idee dat vrouwen op ridderlijke wijze het hof gemaakt moeten worden. In deze ouderwetse paringsdans betekent een ‘nee’ soms dat je wat beter je best moet doen en een mooie serenade moet zingen onder haar balkon. Helaas heb ik gemerkt dat het onderwerp extreem gevoelig ligt en dat woorden en intenties heel snel verkeerd worden begrepen. Alsof ik heb opgeroepen om opdringerig of vervelend te zijn. In tegendeel.’

Je positioneert jezelf toch ook graag als alfaman?
‘Is dat zo? Ik ben dol op koken hoor… Nee, in alle ernst: ik denk dat dat beeld onterecht is.

Enkele maanden terug vernielden actievoerders van het Radicaal Anarchistisch Feministisch Verbond jouw huisdeur nog. Dat is wel heftig.
‘Ik had me in zekere zin voorbereid op een dergelijke reactie; je weet dat het erbij hoort. Maar toch had ik het eigenlijk niet verwacht. Ja, het is even schrikken als zoiets gebeurt. Maar ik heb al snel mijn schouders opgehaald. Ik ben niet bang. I’m in this for life.

Dit is een korte samenvatting van het artikel in Bernie #2 dat vanaf 1 december in de winkels ligt. Koop nu het nummer of neem een abonnement op Bernie om het hele interview te lezen.