Naadloos in de CDA-traditie

in Actueel/Politiek by

Nee, een popiejopie is hij niet, gaf zijn voorganger Maxime Verhagen bij de machtsoverdracht in 2012 toe, maar daar gaat het toch ook niet om in de politiek? Sybrand van Haersma Buma, zo vond Verhagen, is degelijk, betrouwbaar, beschikt over kennis van zaken en heeft een groot verantwoordelijkheidsgevoel. Wat kun je nog meer verlangen van een partijleider?

Inmiddels zijn we bijna zes jaar verder, en inderdaad: Sybrand Buma (zoals hij zich kortweg laat noemen) staat nog steeds niet bekend om zijn dijenkletsers. Veel reden om te lachen is er ook niet bij het CDA. Bij Buma’s eerste optreden als lijsttrekker zakte de partij naar dertien Kamerzetels, het diepterecord in haar geschiedenis en een aantal dat schril afsteekt bij de 54 zetels die de fractie begin jaren negentig nog telde. Sindsdien is de weg omhoog weliswaar weer ingezet, maar de stapjes zijn bijzonder klein. Op 15 maart 2017 boekten de christendemocraten dan wel een winst van zes zetels, volgens de opiniepeilers kun je er daar onderhand weer flink wat van aftrekken.

Is Buma (Workum 1965, van opleiding jurist) dan toch niet de juiste man op de juiste plaats? Of staat de telg uit een burgemeestersgeslacht in deze tijd van politieke versplintering simpelweg voor een onmogelijke opgave?

Decennialang vormden de confessionelen de vanzelfsprekende machtsfactor op het Binnenhof. Zonder hen viel geen kabinet te formeren. Ze regeerden altijd, nu eens met de PvdA, dan weer met de VVD. En ze leverden meestal de premier. Maar de laatste jaren zit de klad erin. Na de val van Balkenende IV is de partij verschrompeld tot een tamelijk bescheiden middenmoter. Is er nog een weg terug?

Bij het aantreden van Rutte II in 2012 besloot Buma te doen alsof het gouvernementele verleden van zijn partij er nooit was geweest. Hij koos voor een harde oppositiekoers. In interviews en toespraken haalde hij meedogenloos uit naar het kabinet van VVD en PvdA. Hij hekelde zowel ‘het doorgeschoten marktdenken’ van de eerste partij als de ‘allesbeheersende overheid’ en de ‘vertroetelende verzorgingsstaat’ van de tweede. En als het kabinet op zoek was naar draagvlak voor zijn beleid in de Eerste Kamer, waar de regeringscoalitie geen meerderheid had, kreeg het van Buma meestal een onverbiddelijk ‘njet’ te horen.

Met zijn pleidooi voor het herstel van normen en waarden, voor orde en gezag, voor herinvoering van de dienstplicht mikte Buma duidelijk op de boze kiezer die zich door de VVD niet bediend voelde en die lonkte naar populistisch rechts. Even leek hij de electoraal gezien juiste toon te hebben getroffen. In de peilingen was het CDA een tijdlang in opmars. Begin dit jaar kon Buma zelfs voorzichtig dromen van het Torentje. Maar het eindresultaat op 15 maart 2017 viel uiteindelijk een beetje tegen, ondanks de verzekering van de partijleider dat ‘het CDA terug is in het hart van de samenleving’.

Tijdens de ellenlange kabinetsformatie die volgde, stelde de partijleider de koers bij. Het CDA was niet langer een oppositiepartij die er met gestrekt been in ging, maar een coalitiepartner in wording. De kreukels die de afgelopen jaren waren ontstaan in de verhouding met Mark Rutte werden gladgestreken. Het ooit zo bekritiseerde beleid van Rutte II werd niet radicaal overhoopgehaald. En toen er ministers en staatssecretarissen moesten worden aangedragen, ontbrak pitbull Pieter Omtzigt op het CDA-lijstje.

Buma wist een aantal christendemocratische herkenningspuntjes het regeerakkoord in te krijgen, zoals het zingen van het ‘Wilhelmus’ op scholen. Maar niemand zal het in zijn hoofd halen Rutte III een typisch CDA-kabinet te noemen. Wellicht bestaat zoiets ook niet en is pragmatisme juist het wezenskenmerk van de christendemocraten.

‘We buigen niet naar links en we buigen niet naar rechts,’ zei Buma’s verre voorganger Dries van Agt. Maar dat is eigenlijk wel wat het CDA doet. De partij heeft altijd meegewaaid met de heersende politieke wind en de bakens verzet als de omstandigheden daarom vroegen. In die zin past Sybrand Buma, die overigens wel degelijk over een subtiel gevoel voor humor beschikt, naadloos in de CDA-traditie.

Collega’s over Buma

Alexander Pechtold, partijleider en fractievoorzitter van D66
‘Buma is de enige rechtlijnige politicus die ik vanwege die eigenschap zeer waardeer. Het heeft een zekere voorspelbaarheid, maar ik kan daar juist heel goed mee werken, want hij is een standvastig iemand. Je weet wat je aan hem hebt. Altijd hoor ik hem maar zeggen: wat ik goed vind steun ik, en wat ik slecht vind steun ik niet. Het klinkt zo overzichtelijk, maar het is eigenlijk wel waar ons werk op neerkomt.

Ik vind wel dat hij het CDA iets naar rechts heeft getrokken, wat mij betreft een beetje te veel. Dat is een keuze, dat mag. Of hij ook in een linksere coalitie zou kunnen zitten? Ja, dat zou hij best kunnen. Wie weet dat dat in de toekomst gebeurt.

Buma heeft zeker humor, ofwel “bumor”. Na zeven maanden kabinetsformatie ben ik wel een gevorderde in het begrijpen en waarderen daarvan. Bumor is gortdroog. Veel politici lachen om hun eigen grappen, ik ben daar zelf een voorbeeld van, maar bij Buma heb je soms een seconde nodig om te denken: dit is eigenlijk een ontzettend goede grap.’

Henk Krol, fractievoorzitter van 50PLUS
‘Ik ben heel gecharmeerd van Buma, want die man heeft veel humor. Waar je hem ook tegenkomt, die humor is aanstekelijk. Droog? Saai? Het is in elk geval wel mijn soort humor. Soms maakt hij opmerkingen waar ik bijna dubbel van lig.

Ook de manier waarop hij kleine fracties serieus neemt, vind ik een verademing. Ik was bij de Matteüspassie en dan komt hij met zijn vrouw gewoon gezellig bij je zitten. Ik vind hem een uitermate plezierige collega.

In de oppositie was het leuker zaken met hem doen dan nu. Je merkt nu dat hij zich soms moet houden aan wat ze afgesproken hebben, en dat maakt het niet makkelijk. Er zijn onderwerpen als de pensioenen en de afschaffing van de wet-Hillen waarvan ik zeker ben dat het CDA aan onze kant staat. En ineens moeten ze het standpunt van de regering uitdragen… Maar het leuke is dat hij dan niet verloochent dat hij daar in zijn echte programma anders over denkt dan hij nu moet verkopen. Dat is het nadeel als je regeringspartij bent.’

Pieter Heerma, CDA-Kamerlid, secondant van Buma bij de kabinetsformatie
‘Heel veel politici zijn vooral bezig met het suikerlaagje dat om het standpunt heen zit. Als ze het gevoel hebben dat het standpunt wat minder populair is, proberen ze dat suikerlaagje te laten zien. Buma is een politicus die gewoon zegt wat hij van dingen vindt en die het suikerlaagje minder gebruikt. Ik denk dat dat een eigenschap is waar steeds meer mensen waardering voor hebben.

Dat is een van de redenen waarom Buma in de Kamer is gebleven. Hij wil het CDA-profiel vorm blijven geven. In de oppositietijd was dat: hoe laat je zien dat er een alternatief is en probeer je het in jouw positie omgebogen te krijgen? En nu is het: kritisch kijken of het kabinet netjes uitvoert wat je hebt afgesproken. Daarbij ben ik er stellig van overtuigd dat hij tegenover elke minister even kritisch is.

Buma saai? Geen humor? Helemaal niet. Buma heeft een onderkoelde, zelf relativerende vorm van humor die niet iedereen altijd in één keer snapt. Maar als je het doorhebt is het zeer humoristisch.’

Laatste van Actueel

Man en paard

Over de meest interessante politieke gesprekken lees je niet in de krant

Lang Leve Xi Jinping

Foto: Michel Temer Vanuit Peking doet Sjoerd den Daas verslag voor RTL Nieuws,

Humor met inhoud

Cabaretier Janneke de Bijl vindt zichzelf niet grappig. In ieder geval niet

Brusselse bubbel

Bureaucratisch, stroperig, een moloch, inefficiënt, peperduur, ondemocratisch, elitair. Waar je ook komt,
0 0,00
Go to Top