Kajsa Ollongren: bestuurder, maar ook politica?

in Politiek by

Haar carrière leek zich in een loodrechte lijn omhoog te bewegen. Beleidsmedewerker en topambtenaar op Economische Zaken. Topambtenaar op Algemene Zaken, het ministerie van de premier. Wethouder en locoburgemeester van Amsterdam. Minister van Binnenlandse Zaken en vicepremier. Ollongren is een uitstekende bestuurder, daarover zijn vriend en vijand het eens. Maar is zij ook een talentvol politica?

Al vrij snel na het aantreden van Kajsa Ollongren als minister begon het gejubel te verstommen. Dat meteen na de beëdiging van het kabinet een motie van wantrouwen tegen haar werd ingediend, baarde nog weinig opzien. Ollongren (Leiden, 1967) heeft naast een Nederlands ook een Zweeds paspoort. Volgens PVV-leider Geert Wilders leidt een dubbele nationaliteit bij een kabinetslid tot loyaliteitsconflicten en kan ze dus geen minister blijven. Maar zijn voorstel om haar af te zetten, verwierf vrijwel geen steun.

De problemen ontstonden wel toen Ollongren kort daarop in de Tweede Kamer haar begroting moest verdedigen. Dat deed ze op zich weliswaar vlekkeloos en met gemak, maar toch weerklonk er rumoer. De minister had namelijk voorafgaand aan het Kamerdebat een interview gegeven aan De Telegraaf over het thema ‘nepnieuws’. Een ongewenst verschijnsel dat het kabinet met kracht wil bestrijden, aldus Ollongren, vermoedelijk in een poging zichzelf als een voortvarende bestuurder neer te zetten. Maar vervolgens bleek ze, belaagd door vooral de rechtse oppositie, geen duidelijke voorbeelden van het fenomeen nepnieuws te kunnen geven. Zo wekte ze de indruk stiekem aan te sturen op een vorm van censuur op onwelkome berichtgeving. Echt in de knel kwam ze nog niet in het debat, maar het betekende wel een eerste krasje op haar blazoen.

Een tweede kwestie diende zich aan toen in de Limburgse gemeente Brunssum een crisis uitbrak rond wethouder Jo Palmen, leider van een plaatselijke lijst en een politicus met een reputatie van recalcitrantie. Volgens een vertrouwelijk, maar uitgelekt advies zou Palmen een enorm integriteitsrisico vormen voor Brunssum. De burgemeester en de commissaris van de koning in Limburg eisten zijn vertrek. Ollongren toonde zich daadkrachtig door in de media te verklaren dat Palmen inderdaad diende op te stappen. Een maand of wat later echter betoogden twee hoogleraren in een door de gemeenteraad besteld rapport dat voor het ontslag van de wethouder geen enkele rechtsgrond bestond. De man was lastig, maar van een integriteitsrisico was geen sprake. Ollongren stond voor schut.

En toch: ook dat betekende nog niets vergeleken bij de politieke heisa die uitbarstte rond het raadgevend referendum. Dat Rutte III dat zou gaan afschaffen, stond al vast. Dat uitgerekend een D66’er daar direct verantwoordelijk voor zou worden, was echter wel heel pijnlijk. Nota bene een lid van de partij die zo ongeveer werd opgericht om de directe democratie te bevorderen! Die eind jaren negentig nog een kabinetscrisis veroorzaakte toen ze op het gebied van volksraadplegingen haar zin niet kreeg!

In plaats van enig begrip te tonen voor dit sentiment (ook in delen van haar eigen partij) maakte Ollongren haast met haar intrekkingswet. Een referendum over het afschaffen van het raadgevend referendum was nergens voor nodig. Weg met dat vrijblijvende instrument, dat alleen maar valse verwachtingen wekte, luidde het rationele devies van de minister. Ze zei er weliswaar bij dat ze voorstander blijft van een bindende volksraadpleging, maar die woorden zorgden bij de oppositie alleen maar voor hoon. Iedereen weet dat voor de invoering van een correctief referendum een grondwetswijziging nodig is, en zoiets vereist een vooralsnog onhaalbare parlementaire meerderheid van twee derde.

Op deze manier ontpopte Ollongren zich tot het ideale mikpunt van de oppositie, vooral van de rechts-populistische partijen. En het leek haast wel of ze die rol ambieerde. In een lezing in Nijmegen begin februari waarschuwde ze op indringende toon voor Forum voor Democratie van Thierry Baudet. ‘De nieuwste afsplitsing van het populisme gaat verder waar Wilders ophoudt. De partij van Baudet lijkt geobsedeerd te zijn door een van de weinige taboes waar ik als progressieve liberaal aan hecht: het praten over rassen in het politieke debat.’

Dat Baudet hierop onmiddellijk een (juridisch kansloze) aanklacht zou indienen, zal Ollongren vermoedelijk niet hebben voorzien. Maar dat de aanval op de FvD-leider een heleboel commotie zou veroorzaken, heeft ze ongetwijfeld vermoed.

Dat Ollongren zich doelbewust tot onderwerp van een felle politieke discussie maakte, hield hoogstwaarschijnlijk verband met de naderende gemeenteraadsverkiezingen. D66 had het – onder meer door het omstreden referendumbesluit – niet makkelijk in de beeldvorming en kon wel wat profilering gebruiken. Maar mogelijk sorteerde de minister ook voor op een toekomstige positie: die van opvolger van partijleider Alexander Pechtold.

Of Ollongren die functie echt ambieert, is onbekend. Uitspraken daarover ging ze tot dusver uit de weg. Het partijleiderschap is vooralsnog ook niet vacant. Maar mocht ze bereid zijn in Pechtolds voetsporen te treden, dan zou haar niet feilloos werkende politieke instinct weleens een lastige hinderpaal kunnen vormen.

Dat is trouwens ook niet uitgesloten bij haar functioneren als minister. Op het Binnenhof is de meest logische weg niet per definitie de beste. Een politicus beseft dat. Een bestuurder niet altijd.

Laatste van Politiek

De lange arm van Ankara

Reeksen aanslagen door diverse terreurgroepen, militaire interventies in buurlanden, steeds intensievere censuur
0 0,00
Go to Top