Daar zijn de minderheden. Denk en NIDA

in Politiek by

Politieke partijen die opkomen voor minderheden vormden hét succes van de afgelopen gemeenteraadsverkiezingen. Partijen als NIDA, de Partij van de Eenheid, BIJ1 en de politieke beweging DENK beleefden hun definitieve doorbraak. Zijn deze partijen met hun zogenoemde ‘identiteitspolitiek’ blijvertjes of niet? Zelf vinden ze van wel.

In partycentrum De Koning in het Amsterdamse Sloterdijk hangt op de avond van 21 maart veel energie in de lucht. De grote zaal wordt bevolkt door zo’n tweehonderd aanhangers van de politieke beweging DENK. Ze focussen op een scherm met de exitpolls van de gemeenteraadverkiezingen. De spanning stijgt wanneer het NOS-meisje de prognose voor Amsterdam opleest: ‘DENK, drie zetels.’ De groep springt, juicht en omhelst lijsttrekker Mourad Taimounti, die zegt op deze drie zetels te rekenen. Twee dagen later, als alle stemmen zijn geteld, krijgt hij gelijk.

Uit het niets haalde DENK drie zetels. Ook deed de beweging mee in dertien andere gemeenten waar samen dertien zetels werden gepakt. De partij, die in 2014 onder meer werd opgericht door de voormalige PvdA-Tweede Kamerleden Tunahan Kuzu en Selçuk Öztürk, kan gaan bouwen aan een lokale basis.

Voorafgaand aan de overwinning voerden Taimounti en zijn aanhang maandenlang campagne. ‘Ik vroeg me op de verkiezingsdag af: gaan mensen wel op ons stemmen en doen ze wat ze gezegd hebben? Uiteindelijk bleek dat circa 24.000 mensen op ons hebben gestemd en dat zo’n 7.000 mensen hun voorkeurstem op mij hebben uitgebracht. Het zorgde voor een enorme ontlading en blijdschap.’

In Amsterdam stemden vooral burgers met een migratieachtergrond op DENK. Zij wonen voornamelijk buiten de ringweg A10. ‘De Amsterdamse politiek gaat te veel over zaken binnen de ring. Wij komen op voor de mensen in Nieuw-West die nog steeds tussen de schimmelwanden moeten leven of voor de mensen in Zuidoost voor wie geen betaalbare woningen worden gebouwd,’ aldus Taimounti, die benadrukt dat DENK er voor alle Amsterdammers wil zijn. De partij vaart een linkse koers en wil meer progressieve kiezers aanspreken. Toch zijn het vooralsnog allochtonen die voor DENK kiezen. Kwetsbare groepen, meent Taimounti. ‘Ik had graag gezien dat allochtone groepen niet kwetsbaar zouden zijn, maar het is niet anders.’

‘Migranten integreren in het dagelijkse leven, maar nu ook in het politieke leven. Dat heet emancipatie.’

In de hoofdstad werd GroenLinks de grootste partij met tien van de 45 zetels. Voorman Rutger Groot Wassink weigerde te formeren met DENK, alhoewel die partij hem aan een linkse meerderheid had kunnen helpen. Hij sloot de beweging uit vanwege de manier wijze waarop ze omging met Turks-Nederlandse Tweede Kamerleden in de kwestie ‘Armeense genocide’. Taimounti: ‘Lokaal uitsluiten om een buitenlands thema vind ik flauw. Zeker door een open-minded partij als GroenLinks. Over vier jaar willen we onszelf verdubbelen en de kans grijpen om bestuursverantwoordelijkheid te nemen. GroenLinks en de andere grote partijen moeten maar aan ons wennen. Ze moeten zichzelf afvragen: wat hebben wij gedaan en hoe kunnen wij het beter doen?’ Is er nu sprake van politieke versplintering? ‘Nee, we kunnen nu spreken van een betere vertegenwoordiging. Migranten integreren in het dagelijkse leven, maar nu ook in het politieke leven. Dat heet emancipatie.’

Taimounti wijst op een ontwikkeling waar niemand nog omheen kan: de identiteitspartijen. Na de aanslagen van 11 september 2001 en de opkomst van wijlen conservatief nationalist Pim Fortuyn voelden steeds meer moslimburgers zich in de kou gezet door de traditionele politieke partijen, die meegingen in de ‘witte identiteitspolitiek’ van Fortuyn en – later – PVV-leider Geert Wilders. Nederlanders met een migratieachtergrond, die gewoonlijk op partijen als de PvdA, GroenLinks en het CDA stemden, raakten teleurgesteld waardoor partijen als NIDA en DENK konden opkomen. Veel meer nog dan op hun islamitische basis doen deze partijen een beroep op een alom gevoel van onbehagen dat met name bij kinderen of kleinkinderen van migranten heerst. Die zijn het beu om als buitenstaanders behandeld te worden. Het zijn hier geboren en getogen Nederlanders, die niet meer hoeven te integreren, maar die geaccepteerd willen worden. Ook zijn ze het integratiedebat en het zogenoemde ‘meten met twee maten’ zat. Deze kiezers willen meer aandacht voor diversiteit, inclusiviteit, mensenrechten en een werkelijke aanpak van discriminatie. Partijen als DENK, NIDA en BIJ1 springen hierop in en werden op 21 maart definitief omarmd door deze kiezers.

‘Wij willen samenwerken en realiseren ons dat niemand groter is dan de stad. Wij trekken lessen voor de toekomst.’

Niet alleen bij DENK in Amsterdam was het op 21 maart feest, maar ook in Rotterdam kon de vlag uit. Hier was het de op de islam geïnspireerde partij NIDA die zichzelf na vier jaar van raadswerk had gehandhaafd. De partij behield haar twee zetels en bewees daarmee een blijvertje te zijn. ‘We zijn procentueel zelfs een beetje gegroeid en misten op een paar honderd stemmen na één restzetel. Op wijkniveau zijn we ook gegroeid. In de deelcommissies leveren we nu meer mensen. Verder deden we in Den Haag voor het eerst mee, waar we één zetel hebben gehaald,’ vertelt lijsttrekker Nourdin el Ouali, die zegt in Rotterdam geen last te hebben gehad van DENK. ‘Die benadering vind ik te simplistisch. Er is geen een-op-eencorrelatie. Als DENK niet mee had gedaan, zou de Rotterdamse zetelverdeling er sowieso anders uit hebben gezien.’

NIDA had een links verbond gesloten met PvdA, SP en GroenLinks, maar dit spatte ruim een week voor de verkiezingen uiteen door een rel rond een tweet uit 2014. ‘In de afgelopen vier jaar hebben we veel met deze partijen samengewerkt en vanuit die situatie is het linkse verbond ontstaan. Mochten we samen de meerderheid hebben, dan zouden wij samen het initiatief nemen om een college te vormen. Daar zouden veel mensen ter rechter zijde niet blij mee zijn.’ Hij had niet verwacht dat een oude tweet over de Gazaoorlog anno 2018 roet in het eten zou gooien. ‘Het was een provocatieve tweet waarin we IS vergeleken met het beleid van Israël. GroenLinks wilde dat we er afstand van namen. Ik heb hun de context uitgelegd en gezegd dat zij ons niet konden bewegen om er afstand van te doen. We mochten de tweet uiten wegens de vrijheid van meningsuiting.’

Toch blies GroenLinks het verbond op. Staat NIDA nu met lege handen? ‘Nee, want er is een nieuwe verkiezingsuitslag. Wij willen samenwerken en realiseren ons dat niemand groter is dan de stad. Wij trekken lessen voor de toekomst. Momenteel praten we mee om een coalitie. Vanuit de inhoud is er bij ons geen enkele blokkade voor welke partij dan ook.’

In de Rotterdamse raad zitten nu dertien partijen. El Ouali erkent dat het versplinterd is. Hij wil niet alleen formeren langs een rechter- of linkerflank. ‘Er zijn vier partijen die zowel links als rechts zijn en vijf zetels hebben. Met deze twintig zetels heb je een fundament dat je kunt aanvullen met drie zetels. Wij zijn bereid om bestuursverantwoordelijkheid te nemen in een college dat er is voor zoveel mogelijk Rotterdammers.’

‘UCF is nodig, omdat mensen met een Surinaamse, Antilliaanse of Afrikaanse achtergrond niet gehoord worden. Zij zijn ondervertegenwoordigd in de politiek en hun noden blijven bestaan.’

Voor moslimkiezers was er op 21 maart volop keuze, maar ook voor burgers met een Afrikaanse en Caribische achtergrond viel er genoeg te kiezen. In Amsterdam deed de partij BIJ1 van Sylvana Simons mee. Zij behaalde 6.571 stemmen en kwam met één zetel in de gemeenteraad. Daarnaast was er nog een partij die opkomt voor de eerdergenoemde doelgroep: U-buntu Connected Front (UCF) van oud-GroenLinks-politicus Iwan Leeuwin. In de afgelopen jaren flirtte hij met DENK, waar hij volgens watchers in aanmerking kwam voor het lijsttrekkerschap. ‘Ik merkte bij DENK dat er geen structurele positie was voor mensen met een Afro-Caribische achtergrond. Net als Sylvana ben ik toen uit die partij vertrokken. Ik wilde met haar samenwerken, maar zij weigerde en mede daarom heb ik UCF opgericht,’ aldus Leeuwin, wiens partij in Amsterdam en Rotterdam meedeed. Hijzelf was lijsttrekker in de hoofdstad. UCF is er naar zijn zeggen voor ‘gemarginaliseerde groepen’, en voor mensen met een Afrikaanse en Caribische achtergrond. Leeuwin: ‘UCF is nodig, omdat mensen met een Surinaamse, Antilliaanse of Afrikaanse achtergrond niet gehoord worden. Zij zijn ondervertegenwoordigd in de politiek en hun noden blijven bestaan.’ Leeuwin wil niet in de slachtofferrol kruipen. ‘Wij zijn hier en eisen juist onze rechten op.’

UCF moest in korte tijd een partijstructuur opzetten en had wat opstartproblemen, onder meer rond het ophalen van het benodigde aantal handtekeningen om mee te mogen doen. ‘We moesten alles vanaf de grond opbouwen: een website, een verkiezingsprogramma, campagnemateriaal, ga zo maar door.’ Leeuwin en zijn partijgenoten hadden pas eind januari hun programma klaar. ‘Het was even aanpoten, maar daarna zijn we snel de campagne ingegaan. We hebben gemerkt dat er agressief campagne werd gevoerd. Partijen als de PvdA, SP en het FvD plakten gewoon over onze posters heen. Onbehoorlijk.’

Op de verkiezingsdag vermoedde Leeuwin dat er iets mis was. ‘Je zag dat UCF niet was meegenomen in de exitpolls. Ik vind het ook vreemd dat wij uiteindelijk maar 1.052 stemmen hebben gekregen. Dat is veel te weinig. Toen ik nog bij GroenLinks zat, haalde ik in Zuidoost tweeduizend voorkeurstemmen op.’ Hij vermoedde dat er sprake was van fouten en eiste tevergeefs een hertelling. ‘Wij gaan hoe dan ook door, want we denken dat er nog zeker ruimte is voor UCF.’ Ook in Rotterdam kwam de partij niet in de raad. Leeuwin blijft strijdvaardig. ‘We gaan buitenparlementair verder en willen volgend jaar in Noord- en Zuid-Holland meedoen aan de Provinciale Statenverkiezingen.’

Laatste van Politiek

0 0,00
Go to Top