Category archive

Politiek - pagina 6

Kabinet moet opzoek naar nieuwe cashcow

in Actueel/Politiek by

Het oppompen van gas in Groningen is nog niet gestopt of partijen liggen al in de clinch over wie het bonnetje voor de drastische maatregel moet betalen. Allereerst vragen gedupeerden van aardbevingen in de regio zo’n vijf miljard euro. De overheid, NAM en Shell hebben eerder aangegeven die kosten te willen delen.

Nu wijzen de bedrijven er echter op dat ze door het dichtdraaien van de gaskraan miljarden mislopen en dat de herstelschade maar door het Kabinet moet worden opgebracht. De gasbel onder de grond bij Slochteren is de afgelopen vijftig  jaar vooral een fijne aanvulling gebleken voor de rijksbegroting: vanaf 1968 dikten meerdere kabinetten hun cijfers met zo’n 288 miljard euro aan gasbaten aan. In 2017 wordt nog altijd 1% (2,7 miljard euro) van de kosten door de overheid met gas betaald. Over vier jaar al moet het boren in Groningen stoppen; dan moet minister van Economische Zaken Eric Wiebes een aanvulling op de begroting hebben gevonden.  

Harde Brexit steeds waarschijnlijker

in Actueel/Politiek by

De verzachtende woorden van leiders in Brussel over ‘redelijke uittredingsvoorwaarden’ voor Groot-Brittannië lijken vooralsnog vooral diplomatiek spel. Met minder dan een jaar te gaan voor Brexit laat een groeiend aantal leiders in Europa inmiddels zijn tanden zien.

Donald Tusk, voorzitter van de Europese Raad, gaf dit voorjaar te kennen nog altijd ‘woedend’ te zijn. Regeringsadviseur Piet Hein Donner hoopt dat de Britse uittreding een eyeopener zal zijn voor populisten in Europa die aansturen op meer onafhankelijkheid. De woorden van de scheidende vicevoorzitter van de Raad van State kunnen vrij vertaald worden als een roep om een stevigere aanpak van Groot-Brittannië. Een harde Brexit – waarbij de Britten als straf miljarden moeten betalen – zou volgens een groeiend aantal politici in Brussel een afschrikkende werking hebben.

Viségrad-pact gesterkt door herverkiezing Orbán

in Actueel/Politiek by
Foto: European People’s Party 

Voorstanders van een ruimhartig asielbeleid in Europa hebben een flinke slag te verduren gekregen met de herverkiezing van Viktor Orbán. De rechts-nationalistische premier won 133 van de 199 zetels in het Hongaarse parlement, een winst van vijf procent ten opzichte van de laatste stemronde in 2014.

Orbán is een van de felste bepleiters van een beperking van immigratie in Brussel. De Hongaren lobbyen samen met de Polen, Tsjechen en Slowaken voor lagere asielquota in Europa. De partners in het zogenoemde Viségrad-pact weigeren islamitische vluchtelingen omdat ze zeggen dat ‘hun cultuur niet verenigbaar is met de christelijke waarden’ in hun landen. Angela Merkel zal het over een andere boeg moeten gooien om haar asielbeleid in Centraal-Europa te verkopen; als eerste stap in de ‘zachte diplomatie’ feliciteerde ze haar partijgenoot (Orbán is net als de bondskanselier christendemocraat) met zijn klinkende overwinning. De Hongaarse premier voelt voorlopig meer voor overleg met Geert Wilders en de Franse Marine Le Pen (van het Front National); die twee eurosceptische politici konden op een warm antwoord rekenen van Orbán. Merkels gelukwensen werden met veel minder enthousiasme begroet.

Merkel in maag met Puigdemont

in Actueel/Politiek by
Foto: Philipp

De Duitsers mogen het weer eens opknappen. Na de arrestatie van Carles Puigdemont aan de grens bij onze oosterburen, is het aan de Duitse openbaar aanklager wat er met de leider van de Catalaanse onafhankelijkheidsbeweging gebeurt.

Het Spaanse Hooggerechtshof eist een hoge straf. Angela Merkel ondertussen heeft laten doorschemeren dat een al te harde aanpak voor veel onrust in Europa kan zorgen, eurosceptici grijpen de zaak aan om hun weerzin tegen de ‘politieke spelletjes’ in de unie onder de aandacht te brengen.

Puidgemont riep op 27 oktober 2017 de onafhankelijkheid van Catalonië uit na een volgens de Spaanse overheid illegaal referendum over afscheiding. Daarvoor moet Puigdemont nog voor de zomer voor het hekje verschijnen. Opruiing is volgens de Duitse wet niet strafbaar; voor een veroordeling voor hoogverraad dient geweld gebruikt te zijn, en daarvan is geen sprake. De advocaat van de Catalaan, Wolfgang Schomburg, heeft zijn messen ondertussen geslepen; de jurist heeft behoorlijk wat ervaring met grensoverschrijdende conflicten, staat te boek als specialist in internationaal recht en diende eerder als magistraat bij het Joegoslaviëtribunaal in Den Haag.

Man en paard: Poetin in gesprek met Timmermans

in Actueel/Politiek by

Over de meest interessante politieke gesprekken lees je niet in de krant en zie je niets op televisie. Die vinden achter gesloten deuren plaats. Een confrontatie tussen Vladimir Poetin van Rusland en Eurocommissaris Frans Timmermans.

‘73 cent! Meer was het niet!’ Rázend stampvoet Vladimir Poetin door het Kremlin. ‘Waar gáát dit over verdomme?’

‘Vladimir, Vladje toch, dit is niet het moment om je geduld te verliezen. Mag ik trouwens nog een stukje van die taart?’

Frans Timmermans, als vertegenwoordiger van Europa op bezoek in Moskou omdat dat WK nou eenmaal geopend moet worden, propt in één keer een enorm stuk kleffe, natte Russische taart naar binnen. Er valt wat op zijn hemd. Poetin kan zijn walging maar nauwelijks verbergen als hij ziet hoe de Eurocommissaris het overdadige eten, dat eigenlijk alleen voor de fotografen is neergezet, systematisch weg schranst.

‘Nee maar echt, Frans. Fake dit, Rusland dat; man, dacht je nou écht dat wij daar allemaal voor verantwoordelijk zijn? 73 cent hebben de advertenties op Facebook gekost. Drie-en-zeventig eurocent. En daarmee zou ík de Brexit hebben gekocht?’

‘Vladje, je moet het brééd zien,’ zegt Timmermans met volle mond, hij maakt een groot armgebaar en veegt met zijn mouw wat banketbakkersroom uit zijn mondhoek. En vergeet een stukje, dat bij elke zin vrolijk op zijn bovenlip meedanst.

Daar moet ik maar goed naar kijken, bedenkt de Russische president, en hij glimlacht.

‘Je moet het niet te letterlijk nemen,’ gaat Timmermans etend verder. ‘Zie het meer, hoe zeg ik het… overdrachtelijk: wat niet past in ons verhaal is per definitie subversief. En wat subversief is, dat vullen we zelf in. Dat hoef ik jou toch niet uit te leggen? Is er trouwens ook wat te zuipen in deze tent?’

Schas po ebalu poluchish, suka, blyad,’ zegt de minzaam glimlachende Russische president zacht.

Timmermans kijkt even vragend naar zijn tolk of hij het wel goed verstaan heeft.

‘Meneer de president is onder de indruk van uw gezonde eetlust,’ zegt de tolk snel en hij doet weer een stapje achteruit.

‘Mooi,’ zegt Timmermans en hij pakt nog een taartje. En neemt een forse teug wodka, waarvan een deel op zijn kin belandt. ‘Maar nou die openingsceremonie van dat WK. Begrijp ik het goed dat we als ridders het podium op gaan?’

Poetin grijnst even verlegen. En begint dan uit te leggen dat het iets met ‘oude tradities’ en het ‘herinneren van de grote voorgangers’ te maken heeft en meer van dat soort kul – Timmermans luistert maar half, ook omdat hij net een tweede schaal met ander gebak heeft ontdekt, nog lekkerder dan de eerste. En zijn glas blijft alsmaar vol, hoe hard hij het ook probeert leeg te drinken. Hij mag zich ook wel wat moed indrinken: deze openingsceremonie wordt door miljarden mensen bekeken en omdat Jean-Claude met leverproblemen thuis moest blijven, mag hij, Frans Timmermans, voor het oog van de wereld Europa vertegenwoordigen. En ach, die Russen met hun rare ideeën – Frans ziet zich hoog te paard de schijnwerpers in rijden en ja: het kan slechter.

Met een opgeruimd gemoed en een volle buik wordt Frans naar het stadion gebracht waar de opening van het WK 2018 zal plaatsvinden.

Achter de coulissen van het stadion heerst gecontroleerde chaos. Technici rennen heen en weer. En daar komt Poetin, hoog gezeten op een enorm paard in een glanzend harnas. Timmermans vraagt zich ineens af waar zíjn assistenten zijn, zijn tolk. Hoe nu verder? En waar is míjn harnas eigenlijk? denkt hij, terwijl een technicus hem het seintje ‘twee minuten’ geeft. Paniek maakt zich van hem meester. ‘Where’s my horse?’ roep Frans in zijn beste Engels. ‘My kingdom for a horse!’

Een producent neemt hem mee naar een hoekje. Daar staat een heel oud, mager en buitengewoon schurftig ezeltje koppig voor zich uit te staren. ‘You! Horse,’ zegt de producent en hij tilt een verbouwereerde Timmermans op het arme dier, dat die last nauwelijks kan dragen.

‘But, but… my suit?’ probeert de Eurocommissaris nog.

‘Suit. Yes, you suit!’ bevestigt de producent blij en hij leidt het bibberende ezeltje met Timmermans erop naar het podium.

Het doek gaat open. Bombastische muziek. Glanzend komt Poetin op zijn witte paard aanrijden. Timmermans’ ezeltje trilt bij elke stap.

‘We come in peace,’ roept Frans Timmermans blij, terwijl het ezeltje roemloos door zijn poten zakt.

Het laatste wat miljarden televisiekijkers zien is een stukje taart op een bovenlip.

Lang Leve Xi Jinping

in Actueel/Politiek by
Foto: Michel Temer

Vanuit Peking doet Sjoerd den Daas verslag voor RTL Nieuws, Het Financieele Dagblad en BNR. ‘In de Chinese media komt China er altijd goed uit.’

Het leek hem in eerste instantie helemaal niks, correspondent worden in China. Al dat gezeik met de autoriteiten daar. Maar toen er in 2015 een correspondentschap vrijkwam bij Het Financieele Dagblad, ging het toch kriebelen bij Sjoerd den Daas, die als student nog een halfjaar in China heeft gestudeerd om de taal te leren. Hij solliciteerde en kreeg de baan.

Schone schijn
Zijn standplaats is Peking. ‘Peking is een rauwe stad, maar de mensen zijn nuchter. Als Fries houd ik daar wel van. Het leven is er comfortabel. En de luchtkwaliteit is gelukkig ook aan het verbeteren. Ik hoef niet meer elke dag met een mondkapje naar buiten en kan zelfs soms buiten hardlopen.’

Over de persvrijheid in China is Den Daas minder positief. ‘Chinese media berichten toch vooral over de goede werken van leider Xi Jinping, daaraan zie je dat de staat een flinke invloed heeft. En internationaal nieuws weten Chinese media altijd zo te spinnen dat China er goed uitkomt. Donald Trump en Brexit worden bijvoorbeeld gezien als bewijs voor het faillissement van de westerse democratie.’

Ook de zaak van oud-correspondent Oscar Garschagen, die is vertrokken bij NRC vanwege plagiaat en gerommel met citaten, is op die manier in de Chinese propagandamolen terechtgekomen. ‘Autoriteiten zeiden: zie je wel, westerse media deugen niet.’

Uitgewezen
Officieel is er in China persvrijheid. De realiteit is dat je als journalist aan alle kanten wordt tegengewerkt. ‘Als je een item draait over een gevoelig onderwerp, dan word je bijvoorbeeld achtervolgd. Of ze komen met smoesjes om je ergens de toegang te versperren. Maar uiteindelijk schrijf en film ik als buitenlander gewoon wat ik wil. Mijn Chinese bronnen hebben echt iets te verliezen. Het ergste wat mij kan overkomen is dat ik het land word uitgetrapt.’

Brusselse bubbel

in Actueel/Politiek by

Bureaucratisch, stroperig, een moloch, inefficiënt, peperduur, ondemocratisch, elitair. Waar je ook komt, de negatieve kwalificaties over de Europese Unie vliegen je om de oren. Maar de meesten die zich binnen de Brusselse bubbel bevinden lijken zich van geen kwaad bewust. Is het echt zo erg met de EU? En valt er iets aan te doen?

‘De Brusselse bubbel bestaat echt,’ zegt Agnes Jongerius. ‘Je kunt er de hele dag in rondlopen en voordat je het weet ga je denken dat die wereld de werkelijkheid is. Maar dat is natuurlijk niet het geval. Het is maar een klein deel van de werkelijkheid.’

Jongerius is Europarlementariër voor de PvdA, maar ze werd dat pas na haar vijftigste, in 2014. Een groot deel van haar leven was ze actief in de vaderlandse polder. Ze was bestuurslid en ook een jaar of zeven voorzitter van de FNV. Decennialang hield ze zich bezig met cao-onderhandelingen, protestacties en werkonderbrekingen. Misschien dat ze daardoor beter dan veel andere leden van het Europees Parlement beseft deel uit te maken van een wereld die bij de meeste buitenstaanders een enorm wantrouwen wekt.

‘Ik snap dat Europarlementariër bij velen een negatieve connotatie heeft. Er zijn mensen die vraagtekens zetten bij de samenwerking in de EU en er zijn nog meer mensen die zich afvragen wat we in vredesnaam doen in dat Europese Parlement. En waarom krijgen Europarlementariërs zoveel salaris en leggen ze daarvoor zo weinig verantwoording af?’

Hoewel je het uit de voortdurende pleidooien om ‘meer Europa’ van een aantal Brusselse bobo’s niet meteen zou afleiden, begint het ook in de EU-burelen door te dringen dat er iets moet gebeuren om het negatieve imago om te buigen. Dat vinden zelfs veel verstokte eurocraten. Europa is niet iets wat in de Brusselse achterkamertjes wordt bedisseld, Europa is van ons allemaal, moet de boodschap luiden.

In het Verdrag van Lissabon spraken de lidstaten zo’n tien jaar geleden al af dat er meer samenwerking zou komen tussen het Europees Parlement en de parlementen in de lidstaten. Er moest vaker worden overlegd en nationale parlementen mochten een gele kaart trekken als er op EU-niveau plannen zouden rijzen die hun niet bevielen.

Sinds het Verdrag van Lissabon in 2009 in werking trad, komen inderdaad meer Europarlementariërs en Eurocommissarissen op bezoek in onder meer de Tweede Kamer. Dat gebeurt formeel vooral vanuit het idee dat samenwerking leidt tot betere wet- en regelgeving. Maar een Brusselse ingewijde spreekt van een ‘tweesporenbeleid’: de banden worden niet alleen aangehaald om de kwaliteit van het wetgevingsproces te perfectioneren, maar ook om ‘de kloof’ te dichten en de euroscepsis weg te masseren. Brussel wil uitstralen dat de EU beter luistert naar de wensen van de burgers.

Jongerius: ‘Het is belangrijk om te weten wat de regels voor Nederlanders (of Zweden, Spanjaarden, noem maar op) betekenen, omdat je anders in het luchtledige kaderwetgeving zit te maken. Waar men vervolgens in de hoofdsteden van de lidstaten niets mee kan, en dat is ook weer zonde van het werk.’

Maar, zo geeft ze toe, het gaat niet alleen om het tot stand brengen van goede kaderwetgeving, ook de kloof speelt mee. ‘Ik denk dat de regels er beter van worden als je probeert die kloof te dichten. Ik zou mezelf echt niet kunnen motiveren voor het maken van regels waarop niemand zit te wachten. Het is geen tijdverdrijf, het moet ergens toe leiden.’

Tegelijkertijd wijst de Europarlementariër erop dat er nog een andere kloof bestaat: die tussen de nationale parlementen en de burgers. Zijn Tweede Kamerleden zich daarvan wel bewust? Laten ze zich niet te gemakkelijk meetrekken in de Brusselse denkwereld?

Voor Jaco Geurts is het simpel. Als landbouwwoordvoerder van het CDA in de Tweede Kamer doet hij gewoon zijn werk. Hij heeft veelvuldig, zeg maar rustig intensief contact met leden van het Europarlement, vooral met zijn eigen christendemocratische familie. Want Europees beleid is nu eenmaal voor een groot deel landbouwbeleid. ‘Dus weet ik redelijk wat er vanuit Brussel op Nederland afkomt. Zelf ervaar ik die kloof niet zo. Maar ik kan me voorstellen dat degenen die wat minder contact hebben met Europa de kloof wel ervaren.’

Wat Geurts wel ziet, is dat de Brusselse reputatie van albedil niet veel met de realiteit te maken heeft. De gemiddelde Europeaan weet weinig tot niets van het gemeenschappelijk beleid, en hoe dat tot stand komt. Zelfs bij boeren, die toch meer dan andere beroepsgroepen voortdurend worden geconfronteerd met EU-voorschriften, is van een juiste beeldvorming doorgaans geen sprake. ‘Je hoort vaak: het moet van Brussel. Dit moet, dat moet. Terwijl er door de jaren heen ook heel veel eisen via Nederlandse wetgeving tot stand zijn gekomen. Zeker, dat gebeurde dikwijls onder druk van de EU, maar we zijn toch altijd wel in staat om er nog een nationaal kopje bovenop te zetten.’

Volgens Geurts is het voor eurosceptici, die je aantreft bij populistische partijen als de PVV maar ook steeds meer elders, ‘makkelijk scoren’. ‘Op heel veel punten totaal onterecht. Want ze vergeten dat Europese wetgeving het mogelijk maakt dat bijvoorbeeld vrachtwagens in Europa niet meer bij de grens stilstaan voor inklaren, uitklaren en weet ik wat. Ik krijg in zalen ook weleens vragen als: “Waar is Europa nog goed voor?” Ik zeg dan: “Mensen, vergeet nou niet dat er sinds we Europese samenwerking hebben geen oorlogen meer zijn geweest. En neem Nederland als handelsnatie. Wij exporteren veruit het meeste naar EU-landen. En waarom kan dat zo makkelijk? Omdat er Europese afspraken zijn.”’ Het is volgens hem dan ook een goede zaak dat Europarlementariërs de lidstaten in trekken om het beleid toe te lichten en de negatieve meningsvorming bij te stellen.

Toch heeft zowel Geurts als Jongerius wel begrip voor de anti-EU-geluiden die voortdurend opklinken. ‘Soms denk ik ook: waarom doen we dit eigenlijk?’ zegt Jongerius. ‘De negatieve houding is voor een deel terecht.’ En Geurts: ‘Ik ben op een aantal dingen ook kritisch. Bijvoorbeeld op landbouwgebied: is er wel sprake van een gelijk speelveld tussen de lidstaten? Er is een tweedeling tussen noord en zuid. Dan moet je wel goed blijven praten. Anders spat Europa uit elkaar.’

Maar zoals de meeste Nederlandse politici heeft de CDA’er weinig op met de pleidooien voor een Verenigde Staten van Europa, die te beluisteren zijn bij EU-apparatsjiks als voorzitter Jean-Claude Juncker van de Europese Commissie of Guy Verhofstadt, de Belgische leider van de liberale fractie in het Europarlement. ‘Het is op een gegeven moment niet meer behapbaar. Als je ziet hoeveel last de EU op dit moment al heeft van een land als Polen… Ik heb er moeite mee dat vanuit Brussel alles geregeld zou moeten worden. Ik vind Europa belangrijk, maar ik vind ook dat we onze eigen natie moeten promoten in de wereld. Waar je kunt samenwerken, werk je samen, en waar het niet nodig is hoeft het ook niet.’

Jongerius vergelijkt Brussel met ‘zelfrijzend bakmeel’: ‘Je tilt de theedoek even op en dan blijkt het toch weer groter te zijn geworden. Er is een soort interne logica, en dan is het ook goed om er af en toe even uit te stappen en het van de buitenkant te bekijken. Dan besef je beter hoe de gewone mensen het zien.’

PROFIEL Sven Kockelmann, journalistieke dwingeland

in Actueel/Politiek by

Over niemand anders in de Nederlandse journalistiek zijn de meningen zo verdeeld als over Sven Kockelmann, de interviewer die blijft doorvragen tot hij een eerlijk antwoord krijgt. De een vindt hem de beste interviewer van Nederland, de andere vindt zijn vasthoudendheid drammerig en zapt weg.

Als tiener wist Sven Kockelmann (1969) al dat hij journalist wilde worden. Een van zijn grote inspiratiebronnen: BBC Newsnight-presentator Jeremy Paxman, die politici zonder aanzien des persoons keihard interviewde. Roemrucht fragment: Paxman die toenmalig Tory-leider Michael Howard tot twaalf keer toe dezelfde vraag stelt omdat Howard ontwijkende antwoorden geeft.

Die Angelsaksische manier van interviewen is ook Kockelmanns handelsmerk geworden. Typisch Kockelmann: meteen aan het begin van het gesprek een ontregelende vraag stellen. Zo kreeg voormalig PvdA-leider Diederik Samsom als openingsvraag of hij zijn gehandicapte dochter Bente niet benadeelt door te korten op gehandicaptenzorg.

In het tv-programma Oog in Oog (2010-2015) excelleerde Kockelmann. Tegen een sober decor werden zijn gasten een halfuur live aan een kruisverhoor onderworpen. In die man-tegen-man-situaties speelde Kockelmann met verve de gentleman-inquisiteur. Altijd strak in pak, altijd vousvoyerend, en altijd met een batterij vragen waarmee hij de meest mediagetrainde gasten aan het wankelen bracht. Er werd in die tijd zelfs gerept over ‘de methode-Kockelmann’, zijn vasthoudende (critici zouden zeggen: drammerige) manier waarop hij gasten het vuur aan de schenen legt.

Kockelmann ligt niet wakker van al die meningen over zijn interviewstijl. ‘Ik ben niet van de gulden middenweg. Liever een paar die een hekel aan me hebben dan een keurig zeventje,’ zegt hij aan de telefoon. ‘Ik zit niet in dit vak om aardig gevonden te worden. Als ik een politicus of bestuurder interview, dan is het mijn taak om hun argumenten te toetsen en te controleren of ze doen wat ze beloven. Dan is er geen ruimte voor smalltalk.’

Er zijn momenten geweest dat het ongemak van het beeldscherm spatte. Legendarisch is het duel met Peter R. de Vries, die in 2011 stevig aan de tand wordt gevoeld door Kockelmann over zijn banden met de onderwereld. Het gesprek is niet zoals de misdaadverslaggever verwacht had. ‘Jij hebt me onder valse voorwendselen hier naartoe gelokt, Sven,’ zegt De Vries al vroeg in het interview. En dan moet het live uitgezonden interview nog ruim twintig minuten duren.

Is een Kockelmann-interview onprettig? ‘Dat is niet wat ik hoor van de meeste van mijn gasten,’ aldus Kockelmann. ‘Die zeggen juist: “Bij jou gaat het tenminste nog ergens over.” Tegenwoordig hebben we in Nederland veel talkshows, en daarin is het belangrijk dat het gezellig is. Prima, niet iedereen hoeft stevig te interviewen. Maar er is zoveel onzin en nepnieuws dat het ook belangrijk is dat er soms aanvallend geïnterviewd wordt.’

De laatste jaren is Kockelmann dagelijks te horen op Radio 1. Eerst in het programma Stand.nl, sinds januari in het dagelijkse interviewprogramma 1 op 1. Kockelmann klinkt wat losser op de radio, er wordt ook meer gelachen. Is hij milder geworden? ‘Nee hoor. Mensen denken door Oog in Oog dat ik altijd stevig interview. Maar ik hebben ook andere programma’s gedaan, zoals Goedemorgen Nederland, waarin ik een heel andere rol had. Ik ben alleen aanvallend als het nodig is.’

Naadloos in de CDA-traditie

in Actueel/Politiek by
Foto: European People’s Party 

Nee, een popiejopie is hij niet, gaf zijn voorganger Maxime Verhagen bij de machtsoverdracht in 2012 toe, maar daar gaat het toch ook niet om in de politiek? Sybrand van Haersma Buma, zo vond Verhagen, is degelijk, betrouwbaar, beschikt over kennis van zaken en heeft een groot verantwoordelijkheidsgevoel. Wat kun je nog meer verlangen van een partijleider?

Inmiddels zijn we bijna zes jaar verder, en inderdaad: Sybrand Buma (zoals hij zich kortweg laat noemen) staat nog steeds niet bekend om zijn dijenkletsers. Veel reden om te lachen is er ook niet bij het CDA. Bij Buma’s eerste optreden als lijsttrekker zakte de partij naar dertien Kamerzetels, het diepterecord in haar geschiedenis en een aantal dat schril afsteekt bij de 54 zetels die de fractie begin jaren negentig nog telde. Sindsdien is de weg omhoog weliswaar weer ingezet, maar de stapjes zijn bijzonder klein. Op 15 maart 2017 boekten de christendemocraten dan wel een winst van zes zetels, volgens de opiniepeilers kun je er daar onderhand weer flink wat van aftrekken.

Is Buma (Workum 1965, van opleiding jurist) dan toch niet de juiste man op de juiste plaats? Of staat de telg uit een burgemeestersgeslacht in deze tijd van politieke versplintering simpelweg voor een onmogelijke opgave?

Decennialang vormden de confessionelen de vanzelfsprekende machtsfactor op het Binnenhof. Zonder hen viel geen kabinet te formeren. Ze regeerden altijd, nu eens met de PvdA, dan weer met de VVD. En ze leverden meestal de premier. Maar de laatste jaren zit de klad erin. Na de val van Balkenende IV is de partij verschrompeld tot een tamelijk bescheiden middenmoter. Is er nog een weg terug?

Bij het aantreden van Rutte II in 2012 besloot Buma te doen alsof het gouvernementele verleden van zijn partij er nooit was geweest. Hij koos voor een harde oppositiekoers. In interviews en toespraken haalde hij meedogenloos uit naar het kabinet van VVD en PvdA. Hij hekelde zowel ‘het doorgeschoten marktdenken’ van de eerste partij als de ‘allesbeheersende overheid’ en de ‘vertroetelende verzorgingsstaat’ van de tweede. En als het kabinet op zoek was naar draagvlak voor zijn beleid in de Eerste Kamer, waar de regeringscoalitie geen meerderheid had, kreeg het van Buma meestal een onverbiddelijk ‘njet’ te horen.

Met zijn pleidooi voor het herstel van normen en waarden, voor orde en gezag, voor herinvoering van de dienstplicht mikte Buma duidelijk op de boze kiezer die zich door de VVD niet bediend voelde en die lonkte naar populistisch rechts. Even leek hij de electoraal gezien juiste toon te hebben getroffen. In de peilingen was het CDA een tijdlang in opmars. Begin dit jaar kon Buma zelfs voorzichtig dromen van het Torentje. Maar het eindresultaat op 15 maart 2017 viel uiteindelijk een beetje tegen, ondanks de verzekering van de partijleider dat ‘het CDA terug is in het hart van de samenleving’.

Tijdens de ellenlange kabinetsformatie die volgde, stelde de partijleider de koers bij. Het CDA was niet langer een oppositiepartij die er met gestrekt been in ging, maar een coalitiepartner in wording. De kreukels die de afgelopen jaren waren ontstaan in de verhouding met Mark Rutte werden gladgestreken. Het ooit zo bekritiseerde beleid van Rutte II werd niet radicaal overhoopgehaald. En toen er ministers en staatssecretarissen moesten worden aangedragen, ontbrak pitbull Pieter Omtzigt op het CDA-lijstje.

Buma wist een aantal christendemocratische herkenningspuntjes het regeerakkoord in te krijgen, zoals het zingen van het ‘Wilhelmus’ op scholen. Maar niemand zal het in zijn hoofd halen Rutte III een typisch CDA-kabinet te noemen. Wellicht bestaat zoiets ook niet en is pragmatisme juist het wezenskenmerk van de christendemocraten.

‘We buigen niet naar links en we buigen niet naar rechts,’ zei Buma’s verre voorganger Dries van Agt. Maar dat is eigenlijk wel wat het CDA doet. De partij heeft altijd meegewaaid met de heersende politieke wind en de bakens verzet als de omstandigheden daarom vroegen. In die zin past Sybrand Buma, die overigens wel degelijk over een subtiel gevoel voor humor beschikt, naadloos in de CDA-traditie.

Collega’s over Buma

Alexander Pechtold, partijleider en fractievoorzitter van D66
‘Buma is de enige rechtlijnige politicus die ik vanwege die eigenschap zeer waardeer. Het heeft een zekere voorspelbaarheid, maar ik kan daar juist heel goed mee werken, want hij is een standvastig iemand. Je weet wat je aan hem hebt. Altijd hoor ik hem maar zeggen: wat ik goed vind steun ik, en wat ik slecht vind steun ik niet. Het klinkt zo overzichtelijk, maar het is eigenlijk wel waar ons werk op neerkomt.

Ik vind wel dat hij het CDA iets naar rechts heeft getrokken, wat mij betreft een beetje te veel. Dat is een keuze, dat mag. Of hij ook in een linksere coalitie zou kunnen zitten? Ja, dat zou hij best kunnen. Wie weet dat dat in de toekomst gebeurt.

Buma heeft zeker humor, ofwel “bumor”. Na zeven maanden kabinetsformatie ben ik wel een gevorderde in het begrijpen en waarderen daarvan. Bumor is gortdroog. Veel politici lachen om hun eigen grappen, ik ben daar zelf een voorbeeld van, maar bij Buma heb je soms een seconde nodig om te denken: dit is eigenlijk een ontzettend goede grap.’

Henk Krol, fractievoorzitter van 50PLUS
‘Ik ben heel gecharmeerd van Buma, want die man heeft veel humor. Waar je hem ook tegenkomt, die humor is aanstekelijk. Droog? Saai? Het is in elk geval wel mijn soort humor. Soms maakt hij opmerkingen waar ik bijna dubbel van lig.

Ook de manier waarop hij kleine fracties serieus neemt, vind ik een verademing. Ik was bij de Matteüspassie en dan komt hij met zijn vrouw gewoon gezellig bij je zitten. Ik vind hem een uitermate plezierige collega.

In de oppositie was het leuker zaken met hem doen dan nu. Je merkt nu dat hij zich soms moet houden aan wat ze afgesproken hebben, en dat maakt het niet makkelijk. Er zijn onderwerpen als de pensioenen en de afschaffing van de wet-Hillen waarvan ik zeker ben dat het CDA aan onze kant staat. En ineens moeten ze het standpunt van de regering uitdragen… Maar het leuke is dat hij dan niet verloochent dat hij daar in zijn echte programma anders over denkt dan hij nu moet verkopen. Dat is het nadeel als je regeringspartij bent.’

Pieter Heerma, CDA-Kamerlid, secondant van Buma bij de kabinetsformatie
‘Heel veel politici zijn vooral bezig met het suikerlaagje dat om het standpunt heen zit. Als ze het gevoel hebben dat het standpunt wat minder populair is, proberen ze dat suikerlaagje te laten zien. Buma is een politicus die gewoon zegt wat hij van dingen vindt en die het suikerlaagje minder gebruikt. Ik denk dat dat een eigenschap is waar steeds meer mensen waardering voor hebben.

Dat is een van de redenen waarom Buma in de Kamer is gebleven. Hij wil het CDA-profiel vorm blijven geven. In de oppositietijd was dat: hoe laat je zien dat er een alternatief is en probeer je het in jouw positie omgebogen te krijgen? En nu is het: kritisch kijken of het kabinet netjes uitvoert wat je hebt afgesproken. Daarbij ben ik er stellig van overtuigd dat hij tegenover elke minister even kritisch is.

Buma saai? Geen humor? Helemaal niet. Buma heeft een onderkoelde, zelf relativerende vorm van humor die niet iedereen altijd in één keer snapt. Maar als je het doorhebt is het zeer humoristisch.’

Nepnieuws in de media

in Actueel/Politiek by

Drie scholieren verzonnen voor een schoolopdracht het nieuws dat ene zeventienjarige Bram van Stadt een ton had verdiend door achthonderd euro te investeren in bitcoins. Hun doel: kijken hoe makkelijk het is om nepnieuws in de media te krijgen. Journalisten van De Gooi- en Eemlander, De Telegraaf, Algemeen Dagblad, NH Nieuws en Trouw trapten erin.

Alexander Pleijter, universitair docent journalistiek:
‘Deze kwestie laat zien dat heel veel journalisten te goedgelovig en gemakzuchtig zijn. Als je een verhaal over iemand maakt, wil je als journalist toch zeker weten dat die persoon daadwerkelijk bestaat? In dit geval ging het om een naam die helemaal niet voorkomt in Nederland. Dat moet je toch opvallen als journalist? Als je dat niet ziet, dan heb je gewoon niet gecheckt of die persoon bestaat. Ook gek: de woonplaats van de jongen veranderde steeds. Ook dat moet je toch opvallen? Meerdere journalisten zijn in dit verzonnen nieuws over een verzonnen jongen getrapt. Dat laat zien dat het geen eenmalig ongelukkig foutje is, maar een systeemfout.’

Roelf Jan Duin, verslaggever bij Het Parool:
‘Dit experiment is helemaal geen bewijs dat journalisten makkelijk te foppen zijn met nepnieuws. Je gaat als journalist namelijk niet iemands doopceel lichten als het over zo’n onschuldig onderwerp gaat. Tegen glashard liegen is in dit geval geen kruid opgewassen. Een van de aanwijzingen dat de jongens de boel verzonnen is dat er een andere naam op het naambordje van de deur stond. Maar dat is toch niet meteen reden tot argwaan? Dit was gewoon een belletje-trekstunt van een paar vervelende ventjes uit Hilversum die vervolgens triomfantelijk gaan doen dat ze journalisten om de tuin hebben geleid. Het werkt onterecht cynisme over de media in de hand. Ik vind het dus ook slecht dat de school van de jongens hieraan heeft meegewerkt.’

Thomas Bruning, algemeen secretaris van de Nederlandse Vereniging van Journalisten:
‘In de journalistiek wint snelheid het helaas regelmatig van vakmanschap. Er kan meer tijd besteed worden aan het checken van feiten, vooral door lokale media. Het is altijd goed dat dit probleem aandacht krijgt, journalisten moeten namelijk scherp blijven, laten zien dat ze professionals zijn. De manier waarop deze scholieren dit proberen aan te tonen, vind ik alleen erg ongelukkig. Dat je als journalist politici niet altijd op hun woord moet geloven is duidelijk, maar dit zijn scholieren, van hen verwacht je dit niet. Dan is het niet zo gek dat sommige media erin tuinen. Deze actie toont op geen enkele manier aan dat journalisten hun werk niet goed doen.’

Margo Smits, ombudsman van de Nederlandse Publieke Omroep:
‘De eerstverantwoordelijke voor een journalistieke publicatie is altijd de journalist zelf. Alles wat gepubliceerd wordt, moet gecheckt zijn, of het nu “licht” of “zwaar” nieuws is. Het past niet om je als “gefopte” journalist te verschuilen achter de gewiekstheid van je bron of het feit dat anderen wel publiceren. Uiteraard kost checken tijd, maar wat kost het niet als je met nepnieuws de reputatie van je medium in de waagschaal stelt? Er zijn genoeg (ook digitale en eenvoudig te gebruiken) tools om informatie (waaronder foto’s) te checken, en er is – hopelijk, want je hebt hem als journalist hard nodig – ook nog je eigen argwaan. En die zegt: bij twijfel niet inhalen.’

1 4 5 6 7 8 14
0 0,00
Go to Top